Week 10: Nienke ziet ze vliegen

flamingo-papier2-klein

Wie heeft er weleens van Goeree-Overflakkee gehoord? De meesten van onze bloglezers waarschijnlijk wel, waarvan een deel zal zeggen: “Ja dat is toch dat Zeeuwse eiland?” Maar er zijn ongetwijfeld ook landgenoten, dat zijn dan geen “hoogvliegers”, die hebben zitten slapen tijdens aardrijkskunde, die er nog nooit van gehoord hebben. Voor die laatste groep mensen kan Goeree-Overflakkee, het zuidelijkste van de Zuid-Hollandse eilanden, misschien wat exotisch klinken, maar ik kan jullie verzekeren dat dit over het algemeen zeker niet het geval is. Ikzelf, als geboren Flakkeeënaar, was dan ook erg verbaasd toen ik hoorde dat je op Flakkee (zo noemen wij ons eiland) tegenwoordig flamingo’s kan spotten … in het wild! “In de wêreld!” zou mijn 91-jarige oma zeggen als ze zou weten wat flamingo’s zijn, wat zoveel betekent als “dat meen je niet!” of “get out of town!” Het is echt waar. Deze flamingo’s zijn te vinden in een deel van natuurgebied de Grevelingen, bij de haven van Battenoord. Blijkbaar overwinteren deze vogels daar al sinds een paar jaar, maar ik hoorde het pas een paar weken geleden.

Hoewel de Flakkeeënaars het van oudsher niet zo op “overkanters” (mensen van buiten het eiland) hebben, zijn deze exotische vogels graag geziene gasten op het eiland. Hihi, grapje hoor. Ik moet een beetje oppassen, want het grootste deel van mijn familie en vrienden woont er of is er geboren. Bovendien mag ik eigenlijk niks zeggen wat gastvrijheid betreft, want ik woon zelf in Rotterdam (hoppakee, en tot zover m’n Rotterdamse vriendjes 😉 ).

Maar weer even terug naar die roze gevederde vriendjes. Ze trekken een hoop “spotters” en andere bezoekers aan en dat snap ik best, ik was ook gelijk enthousiast. Dit komt omdat ze in Nederland in het wild verder (bijna) nergens voorkomen. De reden dat ze naar de Grevelingen gevlogen zijn en niet elders in Nederland of Europa zijn terechtgekomen, is dat het Grevelingenmeer het grootste zoutwatermeer van Europa is. Voorheen was de Grevelingen een zeearm, maar doordat in de jaren ’60 en ’70 de Grevelingendam en de Brouwersdam zijn aangelegd als onderdeel van de Deltawerken, is het een meer geworden. Weer wat geleerd. Ik ook, want ik zit dit op dit moment allemaal op te zoeken.

Waar die vogels precies vandaan komen is niet helemaal duidelijk. Het zijn verschillende ondersoorten bij elkaar, waaronder een aantal Chileense flamingo’s. Men denkt dat ze zijn ontsnapt uit gevangenschap. Ze overwinterden eerst ergens in Duitsland en waarschijnlijk werd het daar toen te koud en zijn ze naar de Grevelingen gevlogen. Het lijkt me trouwens nogal logisch dat ze ontsnapt zijn uit gevangenschap, want van Chili (via Duitsland) naar Battenoord is een behoorlijk stuk vliegen. Wel zo’n 12.000 kilometer als ze in één rechte lijn zouden vliegen, heb ik uitgerekend, waarvan veruit het grootste deel over de oceaan. Dus dat lijkt me erg sterk. Maar wie ben ik.

Nou nou, al een heel verhaal, maar nog geen woord over mijn eerste vogelspotervaring! Daar gaat ‘ie dan. Zondag zou het lekker weer worden, dus dat leek me een mooie dag om te gaan flamingospotten. Ik had met mijn ouders afgesproken dat we eerst daar koffie zouden drinken en dan ‘s middags naar Battenoord zouden gaan, dat vlakbij de woonplaats van mijn ouders ligt. Marijn en Annick zouden ook meegaan. Bepakt met camera’s en verrekijkers gingen we rond een uur of half drie op pad. Daar aangekomen parkeerden we de auto en liepen de dijk op. Vanaf de dijk kon je in de verte in het water een groepje grote vogels zien staan, maar met het blote oog kon je niet zien dat het flamingo’s waren. Dichterbij mocht je niet komen, want het is een beschermd natuurgebied, dus de verrekijkers kwamen goed van pas.

Ze deden niet zoveel, zoals te verwachten viel: af en toe liep er eentje, af en toe vloog er eentje en af en toe krabde er een aan z’n kont (da’s handig met zo’n snavel), maar verder stonden ze vooral te staan. Eigenlijk hadden we verrekijkers moeten hebben die nóg verder kunnen uitvergroten, maar ook van deze afstand waren de beesten goed herkenbaar als zijnde flamingo’s en was het erg grappig om de beesten daar te zien en te bespioneren.

Het nadeel van zo’n bijzondere verschijning is dat het niet alleen vogelliefhebbers aantrekt, maar ook mensen die minder begaan zijn met de vogels en de natuur, die dus, bij gebrek aan verrekijkers (en gezond verstand) met hond en al dwars door het beschermde natuurgebied banjeren om die beesten eens goed van dichtbij te kunnen bekijken. Weest gerust, ik heb mijn burgerplicht gedaan en heb ze erop aangesproken, toen ze eenmaal weer terug waren. Gelukkig konden ze hun domme actie goed verdedigen: “Dus?” en “We zijn vast niet de eersten hoor.” Wellicht doet de vogelbescherming er verstandig aan om er een hek te zetten in plaats van alleen een paar bordjes, vooral nu het broedseizoen gaat beginnen. Niet dat de flamingo’s daar broeden trouwens, maar een heleboel andere vogelsoorten wel. Maar ik moet er wel even bij zeggen dat de overige aanwezige flamingospotters wel gewoon buiten het beschermde gebied bleven hoor. Dus misschien valt het allemaal ook wel mee.

Ik kwam dan wel in de eerste plaats voor de flamingo’s, maar er waren nog veel meer mooie vogels te zien. Vraag me alleen niet welke, want ik was de vogelgids van mijn vader vergeten mee te nemen en ook Annick was die van haar vergeten. Aangezien ik (nog) geen ervaren vogelaar ben en ook geen studie biologie heb gedaan, zoals bijvoorbeeld Annick, ken ik voornamelijk wat tuin- en stadsvogels. De zilvermeeuw, die herkende ik (die heb je in Rotterdam ook genoeg), maar verder kwam ik niet verder dan “o, kijk daar wat een bijzondere eend” en “o, wat is dat een leuk vogeltje.” Maar dat deerde niet, want het was leuk om al die vogels te zien en de omgeving en het weer erbij zorgden voor een prachtig plaatje.

Ik heb nog geprobeerd wat foto’s te maken, maar mijn spiegelreflexcamera is kapot dus ik had alleen een compactcamera, met een korte lens erop. Dat was in eerste instantie niet echt een succes, maar door mijn camera voor de verrekijker te houden kon ik toch nog wat leuke plaatjes schieten! Maar de foto’s bij deze blog zijn niet allemaal door mij gemaakt hoor. De mooiste foto’s van de flamingo’s en de andere vogels (onder aan de blog) zijn van Marijn en Annick. Maar als je echt mooie, scherpe close-ups wilt maken van vogels, dan heb je echt professionele vogelkijklenzen nodig. Je weet wel, van die dingen waar je bijna een karretje voor nodig hebt.

Als ik nog een keer vogels ga spotten, en dat ben ik zeker van plan, dan wil ik dat een keer vanuit zo’n vogelhut doen. Ik zag dat er ook één op Tiengemeten staat, dus dat komt mooi uit, want een bezoek aan Tiengemeten stond ook nog op mijn lijstje.

Tot slot nog een tip voor mensen die ook nog willen gaan kijken: je kunt beter wat vroeger of wat later op de dag gaan, of op een bewolkte dag, want wij hadden wel wat last van tegenlicht. O ja, en vergeet je verrekijker en vogelgids niet natuurlijk!

Advertisements

Reageer hier

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s