Week 37: Rosanne bezoekt Utrechtse monumenten

Open Monumentendag. Een dag die ieder jaar in september terugkeert en waarop je door heel het land monumenten kunt bezoeken. En ieder jaar dat ik in Utrecht woonde, was ik al van plan om monumenten te gaan bezoeken. Maar, je raadt het al, dat kwam er nooit van. Want telkens was die dag plotseling alweer voorbij. Zo gek hoe dat gaat.

Vroeger, toen ik nog klein was en bij mijn ouders woonde, deed ik wel aan Open Monumentendag. In Sommelsdijk ging ik naar de molen, het Streekmuseum (mijn favoriet, omdat ik het zo leuk vind om alledaagse spullen uit vroeger tijden te zien en me voor te stellen hoe het leven toen was – en omdat er een snoepwinkeltje was met oude snoepjes) en beklom ik de kerktoren, vanwaar ik kon zwaaien naar mijn vader die in de tuin stond.

Maar sindsdien verliep het telkens zoals beschreven. Tot dit jaar. Want dit jaar doe ik alles wat ik anders niet doe. Nou ja, bijna alles. Maar naar de Open Monumentendag ging ik in ieder geval wel.

Al voor half elf stond ik met Simone op het Domplein, alwaar de infostand van het hele gebeuren was. Hier kon je je aanmelden voor een rondleiding of een stadswandeling. De wandeling van half elf was al vol, dus gingen we voor die van half twaalf. Konden we eerst nog even koffie drinken! Ondertussen zagen we al leden van het klokkenluidersgilde uit hun dak gaan.

klokken luiden

klokken luiden

Om half twaalf stonden we klaar voor de wandeling. Die werd begeleid door iemand van Gilde Utrecht, een stichting die stadswandelingen verzorgt (ook buiten de Open Monumentendagen om). Helaas had ze door een misverstand geen tijd gehad om het thema van dit jaar, kunst en ambacht, voor te bereiden, dus werd het een ‘gewone’ wandeling. Dit vond ik wel een klein beetje jammer, omdat we nu bijvoorbeeld weer dingen hoorden over de Domtoren, die ik natuurlijk allemaal al wist en nog wat dingen die ik wel eerder had gehoord. Maar gelukkig vertelde ze ook genoeg leuke dingen die ik niet wist, en leidde ze ons langs plekjes in het centrum van Utrecht die ik nog niet kende.

Wist je bijvoorbeeld dat de vrouwen uit het Sint Ursulaklooster niet in contact mochten komen met de burgers, en daarom een ondergrondse gang hadden naar de Oudegracht om daar de was te kunnen doen? En ook één naar een huis verderop, waar ze verpleegd werden als ze ziek waren. Van het klooster en die gang is weinig overgebleven, maar het hofje dat aan de voormalige kapel grenst, is een prachtig stukje Utrecht.

Paushuize

Na een uur was de rondleiding afgelopen en had ik weer een hoop geleerd (vraag me niet wat, want ik kan heus niet alles onthouden). Toen besloten we naar het Paushuize te gaan, een huis dat gebouwd is door de enige Nederlandse paus ooit, paus Adrianus VI. Ook daar meldden we ons aan voor een rondleiding, die ons leidde langs de danszaal en salons van het huis. We hoorden over het leven, of vooral de dood, van deze paus (wat we deels ook al tijdens de wandeling hadden gehoord). Adrianus kwam namelijk als nogal vrome en calvinistische (dat klopt natuurlijk niet helemaal, want de paus was geen protestant, maar geld uitgeven deed ‘ie in ieder geval niet graag) Nederlander naar het uitbundige en met-geld-strooiende Vaticaan.

Daar ontsloeg hij bijna alle kunstenaars en hield alleen de Nederlandse schilder Jan van Scorel in dienst. De Italianen waren hier niet zo blij mee, en een jaar later was de arme Adrianus niet meer. Volgens de rondleidster van de stadswandeling was hij voor 99,9 % vergiftigd. Het Paushuize, dat hij had laten bouwen om zijn oude dag in Utrecht (waar hij ook geboren was) door te kunnen brengen, heeft hij nooit kunnen bewonen. Jammer, want het was best een mooi pandje. Tegenwoordig wordt het gebouw gebruikt als representatieve ruimte voor de commissaris van de Koning en het provinciebestuur.

Na deze interessante tochten was het tijd om te lunchen. Daarna ging Simone naar huis en vulde Nanda haar plaats op. Op de Springweg gingen we naar de Regentenzaal van het Burgerweeshuis, waar een of ander bijzonder behang hing dat ik niet mooi vond. Daarna zijn we in het gebouw van de Herensociëteit De Vereeniging op de Mariaplaats geweest. Dat was wel interessant, want wij vroegen ons allebei altijd al af wat daar nou eigenlijk zat. Volgens onze rondleider, een lid van de herensociëteit, stonden we op een historische plek. Op de plek van dit gebouw heeft namelijk een van de eerste stenen huizen van Utrecht gestaan, ergens in de twaalfde eeuw.

We kregen een rondleiding door het gebouw, met veel oude elementen zoals houten balken, een oude houten trap en gekke doorgangetjes naar kamers. Interessant om te zien en horen en ik ben blij dat ik eindelijk weet wat een herensociëteit is (ik heb het opgevat als een soort van studentenvereniging voor senioren).

Er was nog veel meer te doen in de stad, maar na dit bezoekje vond ik het wel weer genoeg geweest en was het tijd om uitgeput op de bank te storten. Ik ben ten slotte ook de jongste niet meer 😉

Advertisements

Reageer hier

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s