Week 15: Rosanne proeft een soepie

Ken je Kromkommer? Dat is een heel leuke sociale onderneming die voedselverspilling op de kaart zet. Dat doen ze bijvoorbeeld door evenementen als het Bijna Waste Geweest Feest te organiseren, aandacht voor kromme groente te genereren in de media en de Tweede Kamer en door af en toe Pop-Op Shops te openen. En ook door soepies te maken van kromme groente.

Wat is dan kromme groente?

Zo noemt Kromkommer ‘alle groente die ons bord niet halen, maar dat eigenlijk wel zouden moeten doen’. En fruit ook trouwens. De twee redenen waarom deze groente en fruit ons bord niet halen: hun looks of overproductie.

In de supermarkt liggen alleen de ‘perfecte’ groenten die allemaal ongeveer dezelfde afmetingen en vormen hebben. En als je weet dat niet alle groente zo perfect groeit (een dubbele wortel hier, een hartjesaardappel daar), kun je wel raden dat er heel veel niet-perfecte groente, oftewel kromme groente, weggegooid wordt.

Overproductie kan verschillende oorzaken hebben en is wat moeilijker te voorspellen en tegen te gaan. Er is bijvoorbeeld een veel grotere oogst vanwege het mooie weer, of er is een boycot van een ander land waardoor ineens veel minder van een product verkocht wordt.

Wat de reden dan ook is, de missie van Kromkommer is dat er geen voedsel meer verspild wordt. En dat ze uiteindelijk zelf geen bestaansrecht meer hebben. Tot die tijd maken ze verschillende soepen van groente die anders weggegooid zou worden. Misschien heb je de soepjes weleens ergens gezien, er zijn inmiddels al aardig wat smaken:

kromkommer assortiment.png

Nu komen we dan eindelijk bij mijn actie van deze week, want: er is een nieuw soepie in ontwikkeling. En die soep moet natuurlijk geproefd worden voor hij op de markt gebracht kan worden.

Daar kwam ik in beeld, als meestersoepproever. Ik houd wel van een soepje op zijn tijd en zoals je wellicht gemerkt hebt, sta ik zeer achter de missie van Kromkommer. Daarom meldde ik me aan om mee te doen aan een van de twee proefsessies. Deze vond plaats in Utrecht en ik kon hier na mijn werk makkelijk even langs. Zo had ik gelijk een voorgerechtje.

Samen met een stuk of twaalf andere soepproevers kregen we drie verschillende bakjes met soep voorgeschoteld. We moesten over alle drie de soepen een uitgebreide vragenlijst invullen, waarbij we niet met onze medeproevers mochten overleggen. We moesten eerst kijken, daarna ruiken en tot slot pas proeven. We moesten o.a. aangeven wat we van de kleur, geur en natuurlijk ook de smaak vonden en al onze associaties met de soepjes opschrijven. O ja, er werd niet bij gezegd wat voor soort soep het was; een van de vragen was ook wat we dachten dat het was.

soep proeven.jpg

Ik vond het moeilijk te ontdekken welke smaken het waren en achteraf bleek dat de andere proevers het ook niet makkelijk vonden. De kruiden van de soepjes kwamen het sterkst naar voren: eentje smaakte naar gerookte paprika, een andere naar kerrie en weer een andere was voornamelijk erg pittig. Uiteindelijk bleken alle soepjes gemaakt te zijn met zoete aardappel en waren alleen de kruiden verschillend. Slechts een van de proevers had dit geraden.

Nu zou ik graag willen zeggen dat de soepjes goddelijk lekker waren en dat jullie deze direct moeten kopen zodra ze in de schappen liggen. Maar ik ben verwend en gewend aan zelfgemaakte soep. En aan deze soep zat een bepaald smaakje dat ik vaak terug proef in soep uit blik of pot of zak. Ik weet niet wat dat dan precies is, want in de Kromkommersoepjes zitten geen (of bijna geen?) conserveermiddelen. De soepjes waren niet vies hoor, dus je kunt ze met een gerust hart kopen. Maar ze halen het toch niet bij zelfgemaakte soep.

Als dank voor onze proefskills kregen we een linnen tasje mee gevuld met twee zakken soep en een ander antiverspillingsproduct, in mijn geval een kaars gemaakt van frituurvet uit restaurants, in een oud augurkenpotje, van RESCUED (waar ook de lampen bij Instock vandaan komen).

proefteam.png

Welke van deze drie smaken er uiteindelijk in de winkel gaat komen, weet ik natuurlijk nog niet. Er was nog een proefsessie en wellicht wordt er nog aan gesleuteld. Wat ik wel weet, is dat je met deze soep weer wat zoete aardappels van de biovergister kunt redden, dus dat lijkt me uiteindelijk toch genoeg reden om deze soep direct te kopen zodra deze in de schappen ligt!

Advertisements

Week 14: Rosanne zit in het donker

Ooit in een ver verleden, toen ik 19 was, kreeg ik een nieuwe hobby: foto’s afdrukken. Hoe ik hierop gekomen was, weet ik niet meer, maar ik kon bij de fotograaf om de hoek voor best weinig geld allerlei apparatuur kopen: een vergroter, een rode lamp, bakjes, tangetjes en ook vloeistoffen en fotopapier. Ik woonde nog bij mijn ouders in huis en we bedachten een manier waarop ik dit kon aanpakken. Want zoals je wellicht weet, moet je foto’s afdrukken in een donkere kamer en daar moet je wel even wat plek voor hebben.

Gelukkig hadden we zo’n plek die erg donker was: de alkoof – een mooie ruimte zonder ramen waar allerlei spullen opgeslagen stonden. Die kon ik niet helemaal overnemen, want hier stonden bijvoorbeeld ook een koelkast en vriezer in, maar mijn vader maakte een mooie plank tegen de muur die ik kon inklappen als ik hem niet gebruikte. Ik moest dus wel altijd alles netjes opruimen en voor aanvang alles opnieuw uitstallen. Er mocht dan ook even niemand in die ruimte komen, dus ik moest wel even met mijn familieleden afstemmen.

Ik heb dit een paar keer gedaan en heb toen voornamelijk oude negatieven gebruikt waar mijn broertjes en ik als baby of kind op stonden. Die heb ik in zwart-wit afgedrukt. Ik vond het vooral leuk om te zien hoe het beeld op het papier verscheen op het moment dat je het papier in het badje met ontwikkelvloeistof legde.

Toen ik op kamers ging wonen en alleen nog in het weekend bij mijn ouders kwam, gebeurde er niet veel meer op doka-gebied en hebben we alle spullen opgeruimd. Gelukkig hebben mijn ouders aardig veel opbergruimte en heb ik de spullen altijd bij ze kunnen opslaan – ondanks herhaalde vragen van mijn vader of ik deze spullen echt nog wilde bewaren. Zelf had ik er in mijn studentenkamers en kleine huisjes natuurlijk geen ruimte voor.

Maar: nu ben ik een tijdje geleden verhuisd naar een huis waarin ik wél ruimte heb! Mijn vader wist niet hoe snel hij ervoor moest zorgen dat deze spullen bij mij terechtkwamen. In een van de kamers heb ik vervolgens een groot bureau neergezet en op een dag heb ik alle spullen uitgezocht. In de tussentijd had ik ook nog eens een keer spullen gekregen van een vroegere buurman, die ik nooit uit de kisten had gehaald (de spullen he, die buurman zat daar niet in). Hier bleek heel veel fotopapier bij te zitten (sommige pakjes nog van voor mijn geboorte!) en o.a. ook spullen om zelf rolletjes te ontwikkelen. En ook een kleurenvergroter. Nu heb ik dus naast een zwart-witvergroter ook een kleurenvergroter.

Met alleen het uitzoeken en afstoffen van al deze spullen was ik al een hele tijd bezig. Daarna bleven ze een tijd mooi staan te zijn op mijn bureau. Ik kocht nieuwe vloeistoffen en op tweede paasdag vond ik eindelijk de tijd en de moed om uit te zoeken hoe het ook alweer allemaal werkte. Het was vijftien jaar geleden, dus het zat niet meer heel erg voor in mijn geheugen. Gelukkig zaten er nog wat briefjes van mezelf bij, gebruiksaanwijzingen en oude boekjes van de buurman, met nuttige en minder nuttige tips. Ook vond ik op YouTube een mooi filmpje waarin iemand uitlegt hoe het werkt.

Ik probeerde even uit of alles nog werkte: het licht in de vergroter, de rode lamp en de timer. Ik moest natuurlijk ook iets hebben om af te drukken, dus ik moest ook nog even wat leuke negatieven zoeken (die heb ik hier zelf niet zo veel).

Toen kon ik eindelijk aan de slag gaan!

Het is altijd even uitproberen hoelang je een foto moet belichten en ik kwam uit op zo’n 70 seconden. Daarna moet de foto 60 seconden in een ontwikkelbadje, vervolgens 10 seconden in een stopbad, dan 2 minuten in de fixeer en tot slot in water. Je bent dus best even bezig met één foto!

Ik heb twee proefvelletjes gemaakt (om de tijden te testen) en uiteindelijk een stuk of zeven keer dezelfde foto afgedrukt. Eerst een paar keer op hetzelfde papier, maar met wat verschillende filters. Daarna nog een paar keer met dezelfde instellingen maar met papier uit een ander doosje. Het was nog maar de vraag hoe goed dit zou werken, omdat die papieren al zo oud waren! Bij de eerste en tweede set ging het aardig. Er bleek ook een doosje bij te zitten waar waarschijnlijk ooit licht bij is gekomen: de foto’s werden helemaal zwart, zelfs zonder belichting.

Hierna vond ik het weer even genoeg. De volgende keer kan ik vast meer doen, omdat ik dan weer weet hoe het werkt en wat sneller op gang kom. Alleen nog even wat leuke negatieven zien te fixen om af te drukken!

Week 13: Rosanne bezoekt Kantien

O jee, ik loop een beetje achter met de verslaglegging van alle spannende dingen die ik doe. Ik zal jullie eens bijpraten.

In week 13, inmiddels zo’n zes weken geleden, heb ik twee keer Kantien bezocht. Dit restaurant is een paar jaar geleden geopend en is gevestigd in de kantine van een oud kantoorpand. Vanaf het begin wilde ik daar weleens naartoe. Op de foto’s ziet het er lekker hipster uit en ze hebben een mooi menu met veel seizoensgroenten op de kaart. Het was er nog steeds niet van gekomen, maar de Sleurzusters zijn in het leven geroepen om dit soort dingen op te lossen! Daarbij komt dat ik inmiddels op minder dan 5 minuten fietsen daarvandaan woon, dus dit kon niet al te lang meer uitblijven.

Mijn eerste bezoek was niet om daar te eten, maar om mee te doen aan de pubquiz. Deze organiseren ze iedere maand en met een aantal flatgenoten ging ik deze eens uitproberen. Dat is het mooie aan verhuizen naar een nieuwe flat; alle bewoners zijn er nieuw en dat schept een band! En gelukkig heb ik dus een paar leuke flatgenoten die ook van quizzen houden.

De plek was mooi, de quiz was leuk, de biertjes waren lekker en ons team was gezellig. In de eerste ronden waren we best goed, maar toen kwam er een literatuurronde waar geen van ons kaas van had gegeten. Daar hebben we helaas wat punten moeten laten liggen. Ik weet niet meer hoe hoog we waren geëindigd (het nadeel van zo laat bloggen), maar volgens mij grepen we maar nét naast de prijzen. Dat kan bijna niet anders.

De laatste dag van die week, zondag, was het eerste paasdag. En toen was ik weer in Kantien te vinden; deze keer voor een paasbrunch. Het leek me wel gezellig en lekker om daar eens de deur voor uit te gaan en gelukkig dachten een paar vriendinnen daar hetzelfde over.

De tafels waren mooi gedekt, we kregen lekker eten en ik dronk ook twee cocktails – het was tenslotte een feestdag en ik had de rest van de dag geen verplichtingen.

Ik heb nu eigenlijk nog steeds niet écht bij Kantien gegeten, dus ik moet nog eens terug om dat mooie menu te gaan proeven. Maar ik vond dit een goede eerste kennismaking met dit leuke restaurant.

Week 12: Rosanne luncht bij Instock

Al een tijdje is ook in Utrecht een restaurant van Instock gevestigd. Dit restaurant ‘zet voedselverspilling op de kaart’. Dat doen ze letterlijk en figuurlijk, want zij halen onverkocht voedsel op bij Albert Heijns en andere producenten. Deze producten zijn niet verkocht omdat ze net niet mooi genoeg waren, of omdat ze gewoon te veel waren. En brood, vlees en vis kun je na een dag al niet meer verkopen in de winkel.

Het is dus iedere dag weer een verrassing wat er op het menu komt te staan en de chefs van Instock moeten soms lekker creatief zijn. In de vestiging in Den Haag had ik al eens gegeten, maar in Utrecht was ik nog niet geweest. Daar moest natuurlijk snel verandering in komen!

Toen vriendin Y. voorstelde om ergens te gaan lunchen, stelde ik dan ook Instock voor. Gelukkig wilde zij daar ook weleens een kijkje nemen, dus dat was een goede deal.

Nu heb ik net wel zo’n hele uitleg gegeven over de verrassing die je daar steeds weer te wachten staat, maar voor de lunch bleek dit helemaal niet te gelden. Er was gewoon een vast menu met lunchgerechten die je altijd kunt bestellen. Ik heb er geen moment aan gedacht om te vragen hoe dat dan zat en daarom kan ik je dat nu ook niet vertellen. Misschien zijn dat wel producten die altijd geleverd worden omdat die altijd over zijn. Of kopen ze deze stiekem toch nieuw in. Dat laatste zou natuurlijk wel erg jammer zijn.

Ik bestelde een falafel fattoush; een soort salade met een soort falafelballetjes en wat broodstukjes. Y. bestelde de proeverij van de chef, waarbij ze van ieder gerecht op de lunchkaart een beetje kreeg. Het was lekker, maar we hadden allebei nog een beetje trek toen we klaar waren. We besloten dus ook nog de twee verschillende taartjes te nemen en deze te delen. Die taartjes waren een stuk vullender dan de lunch, dus met flink gevulde buiken verlieten we uiteindelijk de tent weer. Maar ze waren wel erg lekker!

Het restaurant is erg leuk ingericht en er hangen bijvoorbeeld lampen die van oude verpakkingsmaterialen zijn gemaakt. Ook hier zie je dus recycling terug. En je kunt er ook nog wat producten kopen van bijvoorbeeld Kromkommer, waar ze soepjes maken van groenten die anders weggegooid worden. We hebben zelfs nog even genoten van de leuke tuin, want de zon scheen een tijdje.

Ik ben blij dat ik hier nu eindelijk eens geweest ben en ik heb best lekker gegeten en ook lekkere eerlijke koffie gedronken. Volgende keer ga ik voor het avondeten, want ik ben nog steeds wel benieuwd wat ze daar hier van weten te maken!

Week 11: Rosanne doet iets voor de wijk

Heel veel heb ik nog niet gedaan, maar het begin is er. Ik ben namelijk bij een bijeenkomst geweest van mensen uit de wijk die iets voor de wijk willen betekenen. Deze mensen komen sinds juni vorig jaar iedere maand bij elkaar om na te denken over de toekomst van de wijk. Een paar thema’s zijn bijvoorbeeld veiligheid en afval in de wijk, onderwijs en nog meer maar dat weet ik niet meer.

Toen ik in oktober (terug)verhuisde naar Kanaleneiland had ik al bedacht dat ik in deze wijk wel iets van vrijwilligerswerk zou willen doen, maar ik had de stap nog niet gezet. Nu was er tijdens de ALV van onze VvE een oproepje gedaan door iemand die al bij deze bijeenkomst was geweest en vond dat er meer nieuwe bewoners bij zouden moeten komen. Dus ik besloot eens een kijkje te gaan nemen. Samen met nog twee mensen uit mijn flat was ik deze avond aanwezig op de bijeenkomst.

Ik vond en vind het nog steeds niet zo duidelijk wat er nou precies gedaan wordt, omdat er deze avond vooral een evaluatie plaatsvond van een actie waarbij een paar bewoners langs de deuren waren gegaan om andere bewoners naar hun ideeën met betrekking tot veiligheid in de wijk te vragen. Eén man was voornamelijk aan het woord en ik kon nog niet zo goed ontdekken wat er buiten deze actie om gebeurt.

Maar ik werd na afloop wel direct aan mijn jasje getrokken, omdat ik bij het voorstelrondje had verteld dat ik lesmethodes Nederlands schrijf. Een aantal mensen zijn namelijk ook bezig iets op te zetten voor moeders en kinderen in de wijk die een taalachterstand hebben. Er zijn blijkbaar zo’n 400 kinderen in de wijk bij wie dat het geval is! Ik weet niet over welke leeftijdsgroep dit ging, maar het is sowieso veel op een best klein oppervlakte van de stad.

Ook hier weet ik nog niet wat er precies gaat gebeuren, het projectgroepje zit nog in de absolute beginfase. Maar mijn gegevens zijn genoteerd, dus ik verwacht elk moment een oproep om mee te komen denken.

Daarnaast werd het al enorm gewaardeerd dat wij, als nieuwe bewoners, hier aanwezig waren, omdat de rest van de deelnemers praktisch alleen uit een aantal vaders uit de buurt bestaan. Wat nieuw (en vrouwelijk) bloed erbij is van harte welkom.

Dus op deze manier is mijn bijdrage aan de wijk een soort van van start gegaan. Wellicht binnenkort meer hierover, als ik ook écht iets concreets ga doen!

Week 10: Rosanne bezoekt een plantaardige beurs

Ergens op het internet zag ik dat dit weekend Veggieworld in de Jaarbeurs was; een beurs gericht op een plantaardige levensstijl. Een groot onderdeel van een zo’n levensstijl is natuurlijk eten, dus dit sprak mij wel aan. Samen met vriendin S. ging ik daarom eens een kijkje nemen op deze beurs.

Er waren een paar lezingen en verder kraampjes van allerlei winkels, fabrikanten en organisaties. Wij hadden bedacht om naar de lezing van 13.00 uur te gaan, want de vroegere lezingen waren te vroeg, de latere lezingen leken ons niet zo interessant en de nog latere lezingen waren te laat, omdat we nog naar de bioscoop wilden.

De titel was ‘Waarom is plantaardige voeding gezond en kun je er beter van worden?’ Het antwoord moet ik je helaas schuldig blijven, want we waren iets aan de late kant en de zaal was al vol.

Ach, dat was ook geen ramp, want het was ten slotte lunchtijd, dus we konden ook gewoon op zoek gaan naar eten. En zoals verwacht, was dat er genoeg. Er stonden producenten die etenswaren voor thuis verkochten, er stonden producenten waar je kleine hapjes kon proeven en er stonden kraampjes waar je eten kon kopen om ter plekke te verorberen.

Na een rondje over de drukke beurs gelopen te hebben, kochten we iets bij een kraampje waar het eten er lekker uit zag (en waar voornamelijk géén lange rij stond). S. kocht een broodje burger van allerlei bonen, die voornamelijk lekker was door de sausjes enzo die erop zaten. Ik kocht een wrap met seitan en groentes, die ook best te eten was.

seitanwrap.jpg

Bij twee verschillende kraampjes proefde ik wat nepkaas. Bij de ene probeerden ze een kaasplankje na te bootsen met ‘kaas’ gemaakt van cashewnoten. Ik proefde iets wat moest lijken op een zachte kaas en iets wat moest lijken op camembert. Qua uiterlijk kwam het aardig in de buurt, qua textuur iets minder en qua smaak kon ik het toch ook nog niet echt vergelijken.

Bij het andere kraampje proefde ik een klein stukje van iets wat op mozzarella moest lijken, maar ook dat kwam nog niet heel dicht bij de smaak en textuur van echte mozzarella in de buurt. Ik had toen niet meer zo’n zin om nog meer kaasjes te proberen. Het is natuurlijk heel moeilijk om zoiets na te maken en ik vind het heel leuk dat mensen hun best doen om het te proberen, maar ik vrees dat je de kaas als veganist gewoon moet opgeven. Het kan natuurlijk ook dat ik te pessimistisch ben en dat er een keer een enorme doorbraak komt, dat zou alleen maar mooi zijn. Maar nu is het wat mij betreft nog niet zo ver.

Nadat we nog een rondje over de beurs hadden gelopen, besloten we dat het wel weer genoeg was. Het was erg druk, wat ik heel tof vind, omdat dat betekent dat dit onderwerp onder veel mensen leeft. Maar we konden allebei niet zo goed tegen al die mensen en al dat geschuifel. Ik heb ook niks meer voor thuis gekocht, omdat overal veel te veel mensen stonden.

Dat betekende voor ons het einde van deze best leuke beurs. Daarna gingen we nog even op het terras van Het gegeven paard in Utrecht zitten, waar verder helemaal niemand zat (het was dan ook best frisjes), om even bij te komen van alle drukte. Na een tijdje brak de zon door en bleek dit een perfecte keuze te zijn geweest, want binnen tien minuten zat het terras vol! (Wees niet bang, wij hadden gewoon ons eigen tafeltje en hadden hier totaal geen last van al die mensen.)

We besloten de film te laten voor wat die was en lekker met ons hoofd in de zon te blijven zitten met een biertje en nacho’s (wel met echte kaas, oeps). Dat was een mooi einde van de dag.

biertje en nachos.jpg

Week 9: Rosanne slaagt op het Faal Festival

Iemand had bedacht dat het tijd was om een Faal Festival te organiseren. Om eens onze mislukkingen en tegenslagen onder ogen te zien en te omarmen, in plaats van altijd alleen maar onze successen en overwinningen. (En om te falen in spatiegebruik.) Op deze blog hebben we dit jaar al een paar faalverhalen gedeeld, dus eigenlijk doen wij als Sleurzusters al hard mee aan het omarmen van onze mislukkingen!

blokkenschema

Maar het festival leek me ook wel eens leuk, dus daar ging ik naartoe en Vera ging met me mee.

In TivoliVredenburg binnengekomen begon het gefaal al direct, want de roltrap hield er halverwege mee op. Dat was een goed begin van deze avond.

Verder verliep de avond redelijk voorspoedig. Er waren wat lezingen en voordrachten van verschillende mensen die meer en minder interessant waren. Er was een pop-up museum met gefaalde voorwerpen. Er was ook wat theater en er waren interactieve dingen. Naar die interactieve dingen gingen wij natuurlijk niet, want dat vraagt om interactie, en daar hadden we geen zin in. Wij gingen lekker luisteren.

Eerst kwamen we terecht bij een stukje improvisatietheater. Daar vonden wij beide niets aan, want er werden alleen maar stereotype clichés naar boven gehaald en uitvergroot die verre van grappig waren. Wat ons betreft waren de acteurs dus wel geslaagd in het falen. Gelukkig voor hen waren sommigen het daar niet mee eens en werd er door deze mensen hard gelachen om de in hun ogen geslaagde grappen.

Daarna hadden we een speeddate met onze innerlijke criticus. Daarin faalde ik goed, omdat ik de opdracht verkeerd had begrepen. Dit onderdeel begon wel ok, maar het ging wat te lang door om leuk te blijven. Ook een faal dus, wat ons betreft.

Gelukkig ging het vanaf dat moment beter.

Fuck Up

We kwamen terecht bij de Fuck Ups; hier vertelden mensen over de mislukking van hun leven. We zagen Diederik Stapel, de sociaal-psycholoog die enorm gefraudeerd heeft en nooit meer zijn werk mag uitvoeren. Hij heeft het aardig verpest dus, voor zichzelf maar ook voor zijn beroepsgroep. Hij kon er ook geen mooi verhaal van maken, bijvoorbeeld dat het hem uiteindelijk toch iets goeds heeft gebracht, want dat is niet het geval. Zijn acties waren gewoon een enorme fuck up.

Ook de eigenaren van De Klub, een restaurant in Utrecht, hadden een verhaal over een mislukking uit hun beginperiode, toen ze op een festival stonden. Ze hadden wat dingen verkeerd ingeschat, dingen niet goed uitgezocht en ze waren wat overmoedig geweest. Zo hadden ze een heel slecht weekend en draaiden ze enorm veel verlies. Gelukkig kwam bij hen wel alles weer goed, maar dat stond eigenlijk los van deze mislukking.

Wat is er dan zo leuk aan om over die mislukkingen te horen? Doordat normaal gesproken altijd alle successen worden gedeeld, en ook alles zo gebracht wordt of je zelf hard je best moet doen en het komt wel goed, kun je weleens denken dat je helemaal nooit mag falen. Of dat jij de enige bent die hartstikke stom en dom is als er eens iets mislukt. Dan is het weleens mooi om ook verhalen te horen waaruit blijkt dat echt niet altijd alles bij iedereen op rolletjes loopt.

Theo

Hierna kwam Theo Wesselo nog een showtje opvoeren. Je weet wel, die vroegere Rembo. Die mensen van het improvisatiegroepje die we aan het begin van de avond zagen, kunnen nog een hoop van die man leren. Wat een grappige kerel is dat zeg! Geen wonder dat ik altijd al fan was van Rembo en Rembo. Hij heeft tenminste humor! Dus dat was even lachen geblazen, ook altijd leuk.

Elfie

Elfie Tromp vertelde over falen in de liefde. Zij is columnist en schrijver en wist haar verhaal in soms hele rake en prachtige zinnen te vatten. Poëtisch mooi!

Stine

Daarna zagen we nog een deel van de lezing van Stine Jensen, een filosoof die je wellicht kent van tv. Zij vertelde wat dingen over falen volgens filosofen, en over hoe ze zelf ervaren heeft dat je lichaam kan gaan falen als je er niet naar luistert. Ik weet niet meer precies wat ze allemaal zei, want het was al wat laat op de avond (oma is snel moe), maar ze vertelde het op een leuke en inspirerende manier.

De allerlaatste lezing die we zagen was van een Vlaming die namens Sartre allerlei excuses ging maken. Vanuit zijn graf zag hij dat hij bepaalde dingen in zijn leven anders had willen doen en dat hij een verkeerde invloed heeft gehad op ons denken. Vast heel leuk en interessant als je het werk van Sartre goed kent (afgaande op de schaterlachende mensen op de stoelen voor ons), maar voor ons was het niet echt te volgen en een beetje oninteressant.

Daarna was er nog een afterparty met vast veel leuke muziek, maar dat konden deze vermoeide falertjes niet meer aan. Wij gingen lekker naar huis om over onze mislukkingen te dromen.

Week 8: De Sleurzusters hebben een wilde stapavond

Sleurzuster Nienke had al een aantal Sleurzusterjaren een ‘echte’ kroegentocht op haar lijstje staan. Dat ‘echte’ wil zeggen, dat er méér dan één kroeg bezocht zou worden, want een eerdere kroegentocht vele jaren geleden eindigde bij dezelfde kroeg als waar hij begonnen was zonder dat er andere kroegen aan te pas waren gekomen.

Toen vriendin Marije haar pas geleden aan dit voornemen herinnerde, besloten ze niet langer te wachten en samen met Sleurzuster Rosanne en Marsha prikten ze een datum: 24 februari. Ook Lidian was enthousiast en Ruben zou misschien ook mee gaan.

Over de bestemming waren we het snel eens: het zou een Rotterdamse kroegentocht worden en van tevoren hadden de Sleurzusters al wat rondgesnuffeld welke kroegen leuk waren om te bezoeken en welke bij elkaar in de buurt lagen. Sleurzuster Nienke leek het wel leuk om gelijk nog wat voor haar onbekende kroegen aan te doen. We hadden er zin in!

Toen het eindelijk zover was … waren we allemaal niet zo fit. Hoewel, niet allemaal, maar toch een aantal van ons. Rosanne was net een paar dagen ziek geweest en kreeg om de zoveel tijd een hoestaanval. Nienke was ook verkouden. Lidian was misselijk na een vliegles. Met de anderen ging het wel beter, maar het was duidelijk dat het geen extreem late avond zou worden. Daarbij was het ook nog eens ijzig koud, dus niemand wilde al te veel buiten komen.

De ideale omstandigheden voor een kroegentocht dus!

Maar de Sleurzusters zijn niet van suiker, ook niet als het niet regent, dus we gingen gewoon van start. Wel in een flamingoroze zoet cupcakecafé, om op te warmen met koffie en thee, maar hé, we lagen tenminste niet thuis in bed!

Cupcakes.jpg

Een voor een sloten ook de andere kroeggangers aan en met zijn vieren vertrokken we naar de eerste echte kroeg: Bokaal. Hier dronken we allemaal een lekker biertje en we bestelden er ook een kaasplankje bij. Want er moest natuurlijk wel een bodempje gelegd worden! Het was een goed begin van de kroegentocht en ondanks alle lichamelijke ongemakken was het gelijk gezellig.

 

Het kaasplankje was heerlijk, maar natuurlijk geen échte bodem. Daarvoor gingen we naar de Pasta Kantine, want sporters eten ook pasta voor ze een intensieve wedstrijd voor de boeg hebben. Ruben had zich inmiddels bij ons aangesloten en ook Lidian schoof hier later aan. Nu waren we compleet!

De ober van de Pasta Kantine geloofde niet echt dat we gingen stappen toen we allemaal fris en water bestelden, maar dat was natuurlijk juist omdat we het anders niet tot de volgende kroeg zouden redden.

Pasta Kantine

Het was een leuk restaurant en we hebben erg lekker gegeten. We zaten hier goed en we hadden geen haast. Ook de bediening leek geen haast te hebben, waardoor we best laat vertrokken naar de volgende kroeg. Dat werd Pol. Bij Pol was aardig vol, maar met hulp van de bediening konden we toch een mooi plekje voor ons groepje creëren, inclusief een stoel voor iedereen.

Hier dronken we allemaal nog één of twee biertjes en toen was de koek wel op voor verschillenden van ons. En het was ook tijd om de laatste trein naar huis te halen.

Dus de score van deze kroegentocht: twee kroegen!

Hebben we deze avond dan gefaald? Wat betreft uitvoering van een kroegenTOCHT misschien wel. En wat betreft het aantal ‘nieuw ontdekte kroegen’ ook. Maar wat betreft gezelligheid zeker niet. Daar slagen we eigenlijk altijd wel in. En de rest van die kroegen komt wel een andere keer. We hebben al plannen voor de zomerversie met terrassen, dus dat komt helemaal goed.

Week 7: Rosanne bezoekt de Studium Generale

Net als andere universiteiten in Nederland heeft de Universiteit Utrecht een afdeling Studium Generale. Deze afdeling organiseert lezingen, discussies en cursussen op het gebied van wetenschap, kunst en cultuur. Deze zijn niet alleen voor studenten en medewerkers van de universiteit, maar ook open en vrij toegankelijk voor alle andere belangstellenden.

Toen ik nog studeerde, wist ik volgens mij niet eens van het bestaan van de Studium Generale af, zo betrokken was ik bij alles wat met studeren te maken had. Maar inmiddels ken ik het al jaren en denk ik vaak: hé, dat is een interessant onderwerp, daar zou ik weleens naartoe kunnen gaan! Maar zoals dat gaat bij veel van de activiteiten die we nu als Sleurzuster uitvoeren, was dat tot nu toe nog niet gebeurd.

Toen ik mij een beetje ging voorbereiden op de eerste weken van mijn hernieuwde sleurzusterbestaan, om te zorgen dat ik dan in ieder geval iets te doen zou hebben, pakte ik er dan ook de agenda van de Studium Generale bij. En daar stond net een mooie reeks op het programma met de titel Groene Bedoelingen – Tussen doemdenken en optimisme.

Deze reeks gaat over verschillende onderwerpen die te maken hebben met duurzaamheid en wat je als burger kunt doen om bij te dragen aan een beter milieu. Uit de omschrijving: ‘In deze reeks onderzoeken we de groene keuzes en hun impact. Helpen alle kleine beetjes of zijn het slechts druppels op een gloeiende plaat?’ Dit sprak mij wel aan, want ik houd er wel van om een steentje bij te dragen aan een beter milieu.

Van 6 februari t/m 27 maart staat er iedere dinsdagavond een ander onderwerp op het programma met een of meer sprekers. Ik bekeek het programma en zag wel een aantal interessante onderwerpen, zoals Consumeren/consuminderen; Afval bestaat niet; Over vlees, vega en verandering; De eco-elite en Filosofie van de duurzame keuze. Genoeg te doen dus de komende dinsdagen!

De eerste dinsdag kwam mij niet zo goed uit, maar de tweede, met het thema Afval bestaat niet, kon ik wel bijwonen. Mijn broertje, die in de afvalwereld werkt, ging er ook heen en nog twee andere vrienden waren ook aanwezig. Dolle boel dus! Wat ik ook leuk vond, is dat het in de zaal van het Academiegebouw was waar ik ruim tien jaar geleden mijn masterdiploma kreeg uitgereikt! Wat een mooie dag was dat.

diploma

wat een jonge blom was ik nog

zaal academiegebouw

nee, die man is niet onzichtbaar – deze foto maakte ik voor aanvang

Recycling-expert prof. Peter Rem van de TU Delft kwam ons vertellen over de zin en onzin van het scheiden van afval en de kansen die er liggen. Zijn belangrijkste boodschap was: de burger is aan zet. Maar hoe dan? Ik, en velen in de zaal met mij, dachten dat hij ons een paar mooie praktische tips zou geven over wat wij als burger kunnen doen. Dat viel wel een beetje tegen.

Hij legde eerst uitgebreid uit waar hij en zijn collega’s zich op de universiteit zich mee bezig houden. Dat was voornamelijk de CO2-uitstoot, omdat dat een van de grootste problemen van dit moment is. Op de lange termijn zal door de huidige CO2-uitstoot de zeespiegel 1,2 meter per eeuw stijgen. Als het ons lukt om de uitstoot te matigen, dan wordt dit 40 centimeter per eeuw. Hoe dan ook, de Nederlandse kustgebieden gaan overstromen! Dat was wel even schrikken, want dat is wel waar ik vandaan kom. Hij noemde geen jaartallen en ik kan zelf ook niet berekenen wanneer Flakkee onder water ligt, maar het zou toch jammer zijn als ik dat in mijn leven nog meemaak …

Verder toonde hij een hoop grafiekjes die ik niet allemaal begreep, maar waar het op neerkwam: we kunnen geen CO2 uit de atmosfeer verwijderen en daarom is de uitstoot beperken de enige oplossing. En aangezien naast energieverbruik de meeste CO2-uitstoot wordt veroorzaakt door plastics en cement, richt prof. Rem zich sterk op de recycling van plastic.

Die recycling is niet makkelijk, omdat er zo’n 250 verschillende soorten plastic zijn, in alle kleuren van de regenboog en met verschillende dichtheden. Hij liet een paar manieren zien waarop dit gerecycled wordt, en het werd duidelijk dat het erg ingewikkeld is om de verschillende plastics te scheiden. Daarom gebeurt dat nu veel te weinig: van al het plastic dat je apart inlevert, wordt slechts een heel klein deel hergebruikt. Prof. Rem doet daarom met zijn vakgroep onderzoek naar nieuwe recyclemethoden.

Sowieso gaat het geld kosten om plastic beter te kunnen scheiden en iemand moet dat natuurlijk betalen. Het is dan ook een politieke kwestie en hij heeft daar niet veel vertrouwen in. Conclusie: de burger is aan zet!

Maar… welke zetten wij dan zouden kunnen doen, was voor veel mensen in het publiek na afloop nog steeds een groot vraagteken. Het belangrijkste was volgens de professor dat de fabrikanten verantwoordelijk zouden worden voor het gebruiken van herbruikbaar plastic. Wat wij daar als burger dan aan kunnen doen? Nou, bijvoorbeeld met een crowdfundingsactie samen met je buurtbewoners een eigen afvalrecyclingstationnetje beginnen en de verpakkingen terugsturen naar de producent. Als die zegt dat ie ze niet terug wil, kun je hem erop aanspreken dat hij betere spullen moet gebruiken. Of bepaalde producten boycotten. In de supermarkt zit alles in plastic verpakt, maar bij de groenteboer om de hoek kun je nog wel boodschappen doen zonder plastic.

Tja, die eerste optie vind ik eerlijk gezegd niet zo heel realistisch. En die tweede heeft pas impact als echt heel heel heel veel mensen dit doen, denk ik zelf. En hoe snel zou dat gebeuren?

Aan het einde van de avond was ik niet zo heel erg veel wijzer geworden. Behalve dan dat het er slecht uitziet voor de Nederlandse kust, wat volgens mij iedereen stiekem wel weet, maar ondertussen lekker blijft negeren. En dat het toch wel goed is om je plastic apart in te leveren, omdat er in ieder geval een klein beetje gerecycled wordt en wie weet in de toekomst dus steeds meer. Ik ben benieuwd naar de volgende lezingen!

Week 6: Rosanne programmeert een pinguïn

Deze week dacht ik: laat ik eens uit mijn comfort zone stappen. En de exacte plek in het enorme gebied buiten mijn comfort zone zou het zwembad worden.

Ik heb eigenlijk best een hekel aan zwemmen en zwembaden – het is druk en vies, die chloorlucht krijg je de rest van de dag niet meer weg, en dan heb je ook nog eens een paar uur lang een rimpelig omahuidje, en o ja, het is ook nog een gedoe als je uit het zwembad komt, omdat je vanwege de hitte nooit helemaal droog wordt en met een klammig lichaam weer je kleren in moet, en zwemmen is eigenlijk helemaal niet zo leuk om te doen – dus ik kom daar zo weinig mogelijk. Maar omdat zoveel mensen het zo fijn vinden om baantjes te trekken, je daarmee je hele lichaam traint én ik nu praktisch tegenover het zwembad woon, leek dit toch wel een geschikte activiteit om maar eens uit te proberen. Op zondag was het zwembad ergens in de ochtend en ergens in de middag een paar uurtjes open voor baantjestrekkers en ik besloot om ergens in de middag te gaan.

Maar… hoe meer ik erover nadacht, hoe verschrikkelijker me dat idee leek. Ik zag gewoon niet voor me dat ik mijn bikini aan zou trekken en dat zwembad in zou lopen om een beetje heen en weer te gaan zwemmen. Niet zo gek ook natuurlijk, gezien mijn waslijst aan redenen om een hekel te hebben aan zwemmen en zwembaden. En hoewel het sleurzusteren draait om nieuwe dingen doen, besloot ik uiteindelijk dat het níet draait om dingen te doen waar je een hekel aan hebt en daar dan van tevoren zo tegenop te zien dat je je steeds miserabeler begint te voelen. Toch geen zwembad voor mij dus.

Dus tot zover mijn verslag over de plannen die ik deze week níet heb uitgevoerd!

Maar wat nu? Het was inmiddels zondag en de week was bijna voorbij. Ik moest natuurlijk nog wel iets anders doen, en het liefst iets wat ook potentieel leuk zou zijn.

Ik besloot dat ik iets zou gaan leren, want er valt altijd wel iets te leren en dat is vaak leuk.

Learn today.png

In de loop der tijd heb ik al meerdere websites verzameld waarop je gratis cursussen, trainingen of workshops kunt volgen, dus ik ging op onderzoek uit: wat zou ik in één dag kunnen leren?

 

Op Skillshare stonden verschillende creatieve lessen, maar voor alles wat een beetje leuk leek, had je materialen nodig zoals verf, inkt en kroontjespennen en dat was niet meer te realiseren. Op Coursera stonden interessante cursussen met meerdere colleges, maar die begonnen allemaal pas op maandag of later. Daar kon ik op het moment dus ook niets mee. Op Codecademy kun je websites maken en op Khan Academy kun je verschillende dingen leren, waaronder programmeren. Daar zaten bij beide wel kanshebbers tussen.

Op Codecademy heb ik in het verleden al HTML en CSS geleerd en daarna heb ik weleens geprobeerd een eigen (supersimpele) website te bouwen. Maar dat is toch best lastig. Ik besloot daar de cursus Make a Website te doen. Die zou ongeveer vier uur tijd kosten en ik dacht dat ik dan misschien een mooie basis voor mijn eigen website had.

Make a website.png

Zo gezegd, zo gedaan. Met voldoende versnaperingen voor het eerste uur zetelde ik me in mijn werkkamer, die ik sinds kort heb en natuurlijk ook af en toe moet gebruiken!

 

De cursus was een andere versie van een cursus die ik al eerder had gedaan op Codeacademy. De inhoud was eigenlijk hetzelfde, de website die je ging maken had alleen een andere lay-out dan voorheen. Ik heb de hele cursus doorgewerkt en eigenlijk wist ik bijna alles nog wel; ik was dan ook binnen twee uur klaar.

Deze lay-out bleek ik toch niet geschikt te vinden voor een eigen website, dus ik gaf het idee op dat ik daar nog iets mee zou doen. Het was leuk om weer even een refresher te hebben, maar echt iets nieuws geleerd had ik nog steeds niet. En ik was al wel weer twee uur verder op de laatste dag van de week!

Terug naar de Khan Academy dan maar! Daar had ik de cursus Hour of Code gezien; een les voor kinderen van 8+ om via simpele filmpjes en opdrachtjes in een uur te leren programmeren. Dat is dan natuurlijk een heel erg uitgeklede basisvariant van programmeren, maar je krijgt in ieder geval een beetje in de gaten wat het inhoudt. En 8+ ben ik al een tijdje, dus dit leek me een zeer geschikte cursus.

Hour of code.png

Ik koos voor Hour of Drawing with Code want daar zou je met Javascript een pinguïn leren tekenen. En pinguïns zijn cool!

pinguin voorbeeld.png

In deze cursus krijg je steeds een filmpje waarin iemand vertelt hoe je bepaalde figuren kunt tekenen en je ziet welke codes ze daarvoor intypt. Na het filmpje met de uitleg krijg je een korte opdracht om zelf iets te maken.

Zo volgen er verschillende filmpjes en opdrachten achter elkaar, waarmee je uiteindelijk een supersimpele tekening kunt maken. Met Javascript dus.

 

Uiteindelijk maakte ik in fasen deze prachtige sneeuwpop:

 

De les heb ik denk ik wel in een uur doorgewerkt, dus de titel Hour of Code past goed. Daarna kon je nog wat projecten kiezen om iets te maken met wat je net geleerd had. En ik had die pinguïn nog steeds niet! Dus ik besloot om de pinguïn van het voorbeeld na te gaan bouwen. Hier kreeg ik geen instructies bij, ik moest het allemaal zelf uit zien te vogelen.

Dat was best leuk om te doen en ik wilde het natuurlijk ook redelijk perfect hebben. Hier ben ik uiteindelijk nog wel een paar uurtjes mee zoet geweest. Maar kijk naar het resultaat: een prachtige dikke schele pinguïn!

schele pinguin.png

(En ja, ik heb hem expres zo dik gemaakt en hij is ook niet scheel omdat ik niet anders kon. Kijk maar, ik heb ook een niet-schele variant.)

pinguin.png

Het mooie is dat ik nu eindelijk iets heb aan het Italiaans dat ik in het eerste sleurzusterjaar geleerd heb:

Which one is your penguin?

En zo kwam dus alles toch nog goed.

Week 5: Rosanne bekijkt onbedoelde kunst

Het is nooit mijn bedoeling geweest, maar afgelopen weekend was ik ineens in het Museum voor Onbedoelde Kunst.

Het leven kan raar lopen.

Het Museum voor Onbedoelde Kunst was twee dagen lang gevestigd op het terrein van Radio Kootwijk, tijdens het fantastische festival Grasnapolsky, waar ik al twee keer eerder over schreef.

Samen met een groepje andere bezoekers kreeg ik een rondleiding van de directeur van het museum. Hij had ook twee suppoosten bij zich om de kunstwerken te beschermen tegen al te enthousiaste bezoekers.

De rondleiding duurde een uur en begon met wat instructies. Zo leerden we welke gebaren horen bij het kijken naar kunst: enigszins achterover leunend zodat je het werk van precies de juiste afstand ziet, of met de hand voor je mond goedkeurend kijken. Zoiets:

houding

Ook het vocabulaire kwam aan bod: oooh, aaah, magnifique en superb zijn graag gehoorde termen als je kijkt naar onbedoelde kunst. Uitspraken als ‘Ik vind de kleur wel mooi…’ of ‘Dat kan mijn zoontje van drie ook’ zijn echter uit den boze.

Zo kwamen we goed beslagen ten ijs in het museum en kon de rondleiding beginnen. Het eerste werk dat we zagen was Vlak. Dit werk was onverwacht tevoorschijn gekomen toen het bestuur van het museum besloot om de Mondriaan, die daar jarenlang had gehangen, te verwijderen. Want voor ‘zoiets simplistisch als bedoeld werk’ is in het museum natuurlijk geen ruimte. Toen dit schilderij weggehaald werd, bleek dus dat hier al die jaren het werk Vlak had gehangen van Jerry Johnstone, de voorloper van de abstracte onbedoelde kunst. Je begrijpt dat de museumdirecteur erg in zijn nopjes was met deze fantastische vondst.

Vlak

Bron: Museum voor Onbedoelde Kunst

We vervolgden onze weg en kregen veel bijzondere werken te zien. De rondleiding duurde een uur, dus ik zal niet overal over uitweiden, maar een aantal bijzondere werken wil ik jullie niet onthouden. Van een aantal kunstwerken sprak de titel alleen al tot de verbeelding, zoals Und Jetzt Kommen Die Kamele, Where I lost my virginity twice, Aversie Jegens Grond en Zucht Naar Zon en The Trees are Dead in the Dutch Mountains.

Hieronder zie je het werk Aphex. In de catalogus staat het volgende over dit werk: ‘Met zijn cynische werk Aphex roept Jiang Linhuang zijn afschuw uit over de Nederlandse vlogcultuur anno twintig-achttien. Met het kruisen van vormen zoals de cirkel en de driehoek bereikt Linhuang een nieuw hoogtepunt in zijn kenmerkende semi-abstract-maatschappij-kritische oeuvre.’ Je voelt gewoon wat hij bedoelt als je dit werk aanschouwt:

Aphex

Magnifique was ook Kleine Huis op de Prairie, dat ingeleid werd met de woorden ‘We kijken nu naar het Kleine Huis op de Prairie, dat u daar niet meer ziet.’ Dit werk is een voorbeeld van concurrenzkunst – het omgekeerde van gesamtkunst. In deze stroming werken twee kunstenaars tegen elkaar in. Voor dit kunstwerk werkten de kunstenaars elkaar zo hard tegen dat er uiteindelijk niets meer overbleef. Van dit werk heb ik helaas geen foto kunnen maken.

Indrukwekkend was ook Bocht naar Rechts, ‘het meest kenmerkende werk binnen de Land Art stroming. Krasnici heeft hier op een normale route een pad naar rechts gemaakt door er dagen achtereen overheen te lopen. Het gebaande pad is rechtdoor, maar dat is niet altijd de goede weg.’

Heel bijzonder, en iets wat ik nooit eerder had ervaren, was ook Guttenberg 4, alweer de vierde zuurstofinstallatie van de kunstenaar. Deze kunst zie je niet, maar adem je.

Onverwacht bleken we ook een kunstwerk in ons midden te hebben: de performance artist B. Ook voor haarzelf was dit onverwacht, waardoor zij zich niet had kunnen voorbereiden. Desondanks deed ze het uitstekend! Ook zij werd kundig beschermd door de suppoosten zodat we haar niet per ongeluk konden aanraken:

performance artist

Ik merk nu dat ik over bijna ieder kunstwerk wel iets te zeggen heb, maar dat wordt natuurlijk veel te veel. En het gevoel van zelf daar rondlopen, onder begeleiding van de zeer kundige museumdirecteur, is sowieso niet in woorden over te brengen. Daarom laat ik het maar hierbij, met de teleurstellende woorden: ‘Je had erbij moeten zijn.’

Helaas is het museum niet meer te bezoeken, maar via deze website kun je zelf de werken bekijken met daarbij ook het commentaar van de museumdirecteur. Natuurlijk is de ervaring niet zo subliem als wanneer je zelf door het museum loopt, maar zo kun je er toch nog een klein beetje van meegenieten.

Week 4: Rosanne drinkt achter de tralies

Ooit had je in Utrecht café Le Carafon. Hier kon je altijd nog terecht als alles dicht was, maar je nog niet naar huis wilde; een sluitingstijd was er niet. Ik ben hier zelf, voor zover ik mij kan herinneren, maar één keer terechtgekomen na een avondje Tivoli of Ekko, maar een begrip was het zeker.

Tot een paar jaar geleden de bar werd gesloten en bekend werd gemaakt dat er een cocktailbar in zou komen. Dat klonk mij interessant in de oren! Niet dat ik een heel grote cocktaildrinker ben, maar af en toe kan het best lekker zijn. En een echte cocktailbar, die hadden we in Utrecht nog niet.

Sinds de bar, genaamd Behind Bars, in juni 2015 al geopend is, was ik er nog niet geweest, dus in week 4 was het daar hoog tijd voor!

Een paar jaar geleden heb ik in een cocktailbar in Rotterdam de drank mezcal ontdekt en op de fiets richting Behind Bars hoopte ik van harte dat ze hier ook cocktails met mezcal zouden hebben. Mezcal smaakt een beetje rokerig en ik had daar meer zin in dan in een of andere heel zoete mix.

En ja hoor, toen ik de menukaart opensloeg, was een van de eerste cocktails die ik zag er eentje met mezcal. En verderop stond er nóg eentje! Ik kon mijn geluk niet op.

kaart

lekkere cocktails

Ik besloot eerst voor de Antibiotic te gaan, een cocktail met niet alleen mezcal, maar ook tequila. Best gevaarlijk. Daarnaast zat er citroensap, acaciahoning en gember door. Jammie. De barman waarschuwde me nog dat deze cocktail rokerig smaakte en of ik dat wel wilde, maar dat maakte mij alleen maar extra blij. Mijn drinkmaatje nam een Moscow Mule, die gemaakt wordt van wodka, ginger beer en limoen. Ook altijd lekker. Wij waren beide erg tevreden over onze keuze.

ronde 1

ja het was te donker voor foto’s …

De tweede ronde was voor mij iets minder. Ik ging voor de Pineapple Old Fashioned en ook hier waarschuwde de barman me weer: deze cocktail werd gemaakt van ananasrum en slechts een klein beetje ananassiroop. Het was dus nogal een ‘naakte’ cocktail. Ik dacht: ach, je moet het toch proberen voor je weet of je het lust! Mijn drinkmaatje nam een cocktail met de mooie naam G.T.F.O.H. Get The Fuck Outta Here. Deze keer was ik iets minder blij met mijn keuze, maar de G.T.F.O.H. viel gelukkig wel in de smaak.

De barman wilde heel graag dat we nog een drankje zouden nemen, dus ja, dat deden we dan ook maar. Nu nam ik de andere cocktail met mezcal, genaamd El Diablo. Deze was wat pittiger met Jalapeno infused Jamaica Bitters en had ook iets zoets door een vleugje passievrucht en grenadine. Mijn drinkmaatje koos de Oreo met, inderdaad, een Oreo-koekje erbij. Deze cocktail had meer weg van een volwassen milkshake, het tegenovergestelde van die van mij dus. In deze ronde waren we allebei weer gelukkig.

ronde 3

ja het was te donker voor foto’s …

Na deze drie cocktails vonden we het allebei wel weer genoeg. We hadden allebei de volgende dag ook nog plannen en we zijn ook geen twintig meer. Het was een gezellige avond, met lekkere cocktails en de bar is leuk. Ze hebben originelere cocktails dan de standaard Cosmopolitan, Mojito en Sex on the Beach en dat spreekt mij wel aan.

Dus mocht je nog eens zin hebben in een cocktail in Utrecht, dan moet je zeker naar Behind Bars gaan!

Week 3: Rosanne maakt fa(a)lafel

Een paar jaar geleden heb ik voor het eerst zelf falafel gemaakt. En dan bedoel ik niet een pakje uit de supermarkt in je koekenpan bakken, maar echt from scratch zelf gemaakt: zelf de kikkererwten malen enzo. Toen vond ik de balletjes een beetje smakeloos en dat bleek te kloppen; ik was vergeten om de kruiden erdoor te doen.

Sindsdien wilde ik het altijd nog eens proberen, maar dan mét kruiden erdoor. Zodat ik echt kon zeggen dat ik zelf falafel had gemaakt, die ook nog eens lekker was. Nu leek me daar een goed moment voor.

Ik dacht me goed voor te bereiden, door de avond van tevoren al het recept door te nemen, want die kikkererwten zouden vast een nachtje moeten weken. Bleek ineens in het recept te staan dat ze TWEE DAGEN moesten weken! Daar had ik geen tijd meer voor, want ik had Vera al uitgenodigd voor het falafelfestijn. Gelukkig had ik nog een ander recept waarin een nachtje weken wel genoeg was. Ik besloot het er maar op te wagen, want verder was ik er helemaal klaar voor.

 
Ik besloot ook om er een mooie soort van mezze-tafel van te maken. Alléén falafel is ook zo saai, dus zocht ik er nog wat Arabische en Midden-Oosterse hapjes bij. Zo maakte ik voor het eerst zelf Baba Ganoush, een soort van hummus maar dan met geroosterde aubergine. En ik maakte nog een lekkere salade en kocht olijven, Turks tafelzuur en pepertjes. Om het af te maken, serveerde ik er Ayran bij, een Turks yoghurtdrankje. Dit zag er allemaal veelbelovend uit.

Nu terug naar de falafel.

De kikkererwten hadden zo lang mogelijk geweekt – uiteindelijk zo’n zestien uur. Ik combineerde de twee recepten nog een beetje, omdat er bij de ene ui en knoflook door moest en bij de andere niet. Mij leek dat wel een goede toevoeging. En natuurlijk vergat ik deze keer de kruiden niet!

Ik maalde alles in de keukenmachine en van dit mengsel moest ik bolletjes draaien die ik een beetje plat moest drukken. Dat was best lastig, want ze vielen snel uit elkaar, maar ja, dit was wat ik moest doen. Ik zette dus stug door.

Toen ik een voorraadje had klaargemaakt, was het tijd om de olie op te warmen waarin ik de balletjes kon frituren. De olie moest 180 graden zijn, maar dat is moeilijk meten als je geen frituurpan hebt. Op een gegeven moment hoopte ik maar dat hij goed zou zijn. Helaas was ik wel vergeten om van tevoren mijn voorraad olie te checken en het was net wat weinig; de balletjes pasten net niet in zijn geheel in de olie.

De combi ‘onbekende temperatuur’, ‘net te laag laagje olie’ en ‘snel uit elkaar vallende balletjes’ bleek geen goede combi te zijn. De falafelballetjes werden maar niet bruin en toen ik ze na een tijdje toch maar ging omdraaien, vielen ze bijna helemaal uit elkaar. Het mengsel leek ook veel te nat te zijn.

Deze poging was tot mislukken gedoemd.

We visten af en toe wat stukjes en halve balletjes uit de olie om ze te testen. Het waren net sponsjes die zich hadden volgezogen met olie – niet lekker en ook niet aangenaam voor de maag!

Vera ging online op zoek naar andere falafelrecepten en kwam er een paar tegen waar bloem en/of olie bij het mengsel werd gedaan. Ik verzette me hier in eerste instantie flink tegen, omdat dat toch niet echt was! Zo hoort het niet! Maar de situatie in de pan werd steeds erger en op een gegeven moment gaf ik toe.

Het overgebleven mengsel kreeg wat bloem en olie erbij en werd opnieuw flink gekeukenmachiend.

Van dit mengsel maakte ik balletjes die níét uit elkaar vielen. Dat was een goed teken! Ik bakte ze gewoon in een klein laagje olijfolie in de koekenpan, aangezien de overige olie vervuild was met ronddrijvende stukjes falafel en ik geen nieuwe zonnebloemolie had. Dit gaf een leuk effect: de onderkant en de bovenkant kregen een krokant bruin laagje, terwijl de zijkanten groen bleven. De falafelballetjes kregen mooie spekkoekkleuren!

Uiteindelijk bleek dit wel de beste oplossing te zijn, want ze vielen niet uit elkaar en waren erg smakelijk. En ook al had ik dus de helft van de falafelmix weg moeten gooien, in combinatie met al mijn andere hapjes hadden we uiteindelijk een goede maaltijd.

Wellicht heb ik bij de volgende pogingen steeds meer succes en bak ik over twintig jaar de perfecte falafel!

Week 2: De Sleurzusters keten in Rotterdam

Voor de tweede week van 2018 hadden we grootse plannen, maar onze communicatie was achteraf gezien iets minder groots. Daarom hadden we allebei een ander idee over de invulling van de dag, waardoor we uiteindelijk besloten de grootse plannen uit te stellen tot een geschiktere dag. (Dit klinkt allemaal heel spannend, en dat blijft voor jullie zo totdat we de plannen uitgevoerd hebben, gnagna.)

We moesten natuurlijk nog wel snel iets anders verzinnen en dat werden een paar activiteiten in Rotterdam.

Rosanne stapte dus in de trein en vertrok naar de grote stad. Nienke wachtte haar op het station op en vandaar vertrokken de Sleurzusters samen richting KEET, een conceptstore aan de Oppert in, jawel, Rotterdam. Hier kunnen kleine ondernemers een plekje huren om hun spullen te verkopen en er is van alles leuks te vinden. Ook is er een koffiecafé en dat was ons doel. Uit een groot aanbod van heerlijke taartjes wisten we allebei iets van onze gading te vinden. We zaten daar prima met onze koffie, thee en gebakjes.

 

Na een tijdje gingen we weer op pad, richting onze volgende bestemming: Museum Rotterdam. De oplettende lezer denkt nu misschien: hé, daar zijn jullie al eens geweest. Ja, we zijn in de vestiging aan de Coolhaven geweest: Museum Rotterdam ’40-’45 NU. Dit museum staat in het teken van Rotterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De andere vestiging, in het centrum, hadden we allebei nog niet bezocht, dus dit mocht gewoon.

In het Museum Rotterdam in het Timmerhuis ‘vertellen historische stukken en nieuw erfgoed in onverwachte combinaties het verhaal van Rotterdam en de Rotterdammers – van nederzetting aan de Rotte tot veelkleurige metropool,’ aldus de website van het museum. Alles gaat over Rotterdam dus.

 

Het gebouw op zich is al bijzonder, omdat het een combinatie is van een oud gebouw met hypermodern glas en staal. Er waren verschillende exposities, waar we als een razende doorheen moesten; we kwamen om 16.15 uur binnen en het museum zou al om 17.00 uur sluiten, oeps. We hadden ook zó gezellig zitten keten! Gelukkig konden we gratis naar binnen met Rotterdampas en Museumkaart, dus dat was geen probleem.

Het eerste half uur besteedden we aan drie maquettes van de stad: één van de stad zoals die nu is, eentje van net voor WOII, en eentje van zestienzoveel, als ik het goed onthouden heb. We probeerden straten en gebouwen te herleiden en liepen steeds weer heen en weer om de verschillende maquettes met elkaar te vergelijken. In de afgelopen vierhonderd jaar is er wel het een en ander veranderd, kunnen wij je vertellen.

 

Daarna hadden we nog een kwartier voor de rest van het museum, dus héél erg uitgebreid konden we het allemaal niet bekijken. Maar toch was het nog wel leuk en interessant.

 

Daarna was het tijd voor drinken, eten en Kino. Kino? Ja, dat is een ‘nieuwe’ bioscoop in Rotterdam. Hij is in september 2016 geopend in het voormalige LantarenVenster. Wij waren er allebei nog niet geweest, dus dit was voor ons het perfecte moment. We hebben daar eerst iets gedronken in de bar. Daarna hebben we gegeten in het restaurantgedeelte en Ruben voegde zich bij ons. En uiteindelijk gingen we daar dus ook nog naar de bioscoop.

We kozen de film Three Billboards Outside Ebbing, Missouri en dat was een goede keuze. De film had net vier Golden Globes gewonnen en wat ons betreft is dat zeer terecht. Als je slim bent en van zwarte humor houdt, dan kan ik je deze film zeker aanraden.

 

Kino bleek ook een erg leuke plek te zijn. De bar en restaurant zijn leuk ingericht (leuker dan het op de foto’s lijkt) en het eten was lekker (wel ietwat karig met maar één vegetarisch gerecht, dus als je geen vlees- of viseter bent, moet je daar maar niet te vaak gaan eten). En het zaaltje waar we in kwamen was heel knus en klein. Het voelde een beetje of we in een grote huiskamer met veel vrienden naar een film zaten te kijken.

Al met al was het een gezellige dag met een bezoek aan een (voor ons) nieuw koffietentje, nieuw museum en nieuwe bioscoop. Zeer geslaagd en Sleurzusterwaardig dus!

Week 1: Rosanne leert haar universiteit kennen

In het eerste Sleurzusterjaar heb ik een Museumkaart aangeschaft. Ik dacht toen: ik ga in een jaar naar zoveel mogelijk musea en daarna zeg ik die kaart weer op. Dat eerste deel is gelukt; ik ben toen in negen musea geweest. Het tweede deel mislukte en ik heb die Museumkaart nog steeds. In 2016 kon ik maar drie musea afstrepen, maar in 2017 heb ik de kaart wel veertien keer gebruikt (ok, één keer ging ik alleen bij het Stedelijk Museum naar binnen om van de wc gebruik te maken, omdat ik nog een Climate March moest lopen en dat anders niet zou volhouden, maar de overige keren ging ik écht naar een expositie kijken, echt echt waar).

Toch was er na al die jaren nog steeds een Utrechts museum dat ik niet bezocht had: het Universiteitsmuseum. Een bezoekje daaraan leek me een goed begin van dit nieuwe Sleurzusterjaar en zo geschiedde.

Het Universiteitsmuseum is vooral heel erg leuk voor kinderen. Er zijn interactieve installaties en je kunt er zelf proefjes doen. En dit is natuurlijk een mooie manier om de interesse van kinderen voor wetenschap te wekken. Daardoor was het in sommige ruimtes wel erg druk met rennende en springende en enthousiaste kinderen. Maar na de melding dat er een workshop zou beginnen, vertrokken bijna alle kinderen daarnaartoe. Yes, rust!

In één ruimte loopt een tijdlijn met de geschiedenis van de Universiteit Utrecht. Dat vond ik wel interessant, want ik heb daar zelf gestudeerd. Een paar mooie hoogtepunten (misschien wat moeilijk te lezen, maar als je je best doet lukt het vast):

Zie je hoeveel tijd er zat tussen de eerste ‘stiekeme’ vrouwelijke student en de eerste officiële vrouwelijke student? Gelukkig is dat nu allemaal een stuk beter geregeld!

gamma

En hier heb ik gestudeerd!

Er zijn ook allerlei oude en minder oude onderzoeksinstrumenten te zien en allerlei preparaten en andere bijzondere voorwerpen.

In een andere ruimte leer je van alles over schimmels en weer een andere ruimte gaat over ontwikkelingen in de geneeskunde. De tweede verdieping is ingericht met allerlei onderdelen van dieren en mensen: gebitten, botten, vachten. Je kunt hier leren over skeletten, geboortes, tandheelkunde en afwijkingen in lichamen.

Interessant, maar ook wel heel erg veel. Op een gegeven moment was het voor mij een overload en liep ik overal maar snel doorheen. Ik heb dus niet alles uitgebreid bestudeerd, maar ik vond het erg leuk om er nu toch eens geweest te zijn!

hoofd op sterk water

Weet jij wat het is?

De Oude Hortus

Achter het museum bevindt zich de Oude Hortus. Dit is een heel rustige plek midden in de stad en ook hier was ik nog nooit geweest! Omdat het winter is, is het nu natuurlijk behoorlijk kaal, maar ik kon wel zien dat het een heel mooie plek is met allerlei verschillende bomen en planten. En in de kassen zijn mooie palmen en vetplanten te zien, ook in de winter.

Ik heb gehoord dat de tuin binnenkort voor anderhalf jaar dichtgaat wegens onderhoud. Dus voorlopig kan ik helaas niet zien hoe hij er in de zomer bij ligt, maar ik heb wel gezien dat het een heel mooie plek is!

Rosanne krijgt heel veel sleutels

Guess who’s back, back again?

Weet je het nog? Dit zongen de Sleurzusters hoopvol en enthousiast aan het begin van het jaar. En hoe back zijn ze geweest?

Nou, niet heel erg.

In ieder geval niet schrijfgewijs. 13 blogs in 11 maanden is geen enorme opbrengst. Bij ondergetekende Sleurzuster had dat voornamelijk te maken met iets waar ik wél over geschreven heb: namelijk dat ik een huis gekocht heb!

En ja, hoe graag ik dat ook zou willen: zoiets gaat je niet in de kouwe kleren zitten. Want wat gebeurde er allemaal?

  • In oktober 2016 begon het: toen ging ik eens rondkijken of ik misschien wel een huis zou kunnen kopen. Ik was mijn kleine, tochtige, gehorige (maar ook wel schattige) huisje echt zat en iets anders huren zou sowieso veel te veel geld gaan kosten.
  • Begin november had ik me voor een renovatiewoning aangemeld en moest ik ineens in gesprek gaan met makelaars en hypotheekadviseurs en leek er al serieus iets te gebeuren. Rond de kerst zat ik nog in spanning, want het duurde allemaal even bij de bank.
  • 11 januari hoorde ik dat de bank akkoord ging met mijn hypotheekaanvraag en werd het ineens echt heel erg serieus allemaal.
  • Op 24 januari tekende ik de koopovereenkomst bij de notaris en kon ik niet meer terug.

Ik was dus binnen aanzienlijk korte tijd gegaan van ‘misschien wel eens willen verhuizen’ naar ‘huis gekocht’.

En vanaf dat moment moest ik wachten.

Want de woning zou opgeleverd worden ‘in het derde kwartaal’. Dat derde kwartaal loopt van juli t/m september en het was nu eind januari. Dus sowieso zou het nog vijf maanden duren, maar waarschijnlijker was het om er nog twee maanden bij op te tellen. Mijn woning zou namelijk als allerlaatste van de 74 gerenoveerde appartementen opgeleverd worden. En er was al een paar keer sprake van tegenvallers en uitstel (de allereerste prognoses waren blijkbaar eerste/tweede wartaal), want zo gaat dat met huizen. Ik ging dus voor het gemak maar uit van eind derde kwartaal, oftewel eind september (spoiler alert: ik had gelijk!).

Dat werd dus gewoon zeven maanden wachten. Zeven maanden weten dat je gaat verhuizen, zeven maanden dat je eigenlijk al een huis hebt en zeven maanden dat je daar nog niets mee kunt.

Ja, ik moest natuurlijk praktische dingen regelen. Een keuken uitzoeken, tegels voor de badkamer en de wc, bepalen of ik extra stopcontacten wilde en/of de bestaande zou willen verplaatsen, bepalen of ik nieuwe radiatoren wilde (de oude zouden namelijk teruggeplaatst worden, behalve als ze niet meer zouden blijken te werken) enzovoort.

Later kwamen daar dingen bij als verhuizers regelen, klussers inplannen, verzekeringen regelen, internetabonnement opzeggen en nieuwe aanvragen, energieleverancier opzeggen en nieuwe aanvragen enzovoort.

Tot overmaat van ramp besloot de woningbouwvereniging ook nog eens om nu eindelijk eens dat krot waar ik in woonde aan te gaan pakken, en dat zou gaan plaatsvinden… ja hoor… een tijdje na de bouwvak, oftewel ergens in september. Ik hoopte van ganser harte dat ik daar niets meer van hoefde mee te krijgen, maar nee. In de week waarin ik hoorde wanneer ik de sleutel van mijn nieuwe huis zou krijgen (22 september) hoorde ik ook wanneer de renovatie in mijn oude huis van start zou gaan (18 september). Superplanning! Wat moest ik nu met al mijn spullen? Moest ik nu twee keer gaan verhuizen? En dit en dat en blablabla… HELP! Het was hels (in mijn hoofd).

Wat ik wél heel leuk vond, al die tijd, was nadenken over mijn interieur. Ik had kort tevoren mijn Pinterestaccount opgezegd, maar ik heb direct een nieuwe aangemaakt. En er is geen dag voorbij gegaan dat ik niet even keek of ik nog mooie plaatjes van interieurs, verf, meubels of gallery walls tegen zou komen. Echt, ik ken heel Pinterest uit mijn hoofd!

Ik dacht na over de indeling in mijn huis (waar komt de bank, wat wordt mijn slaapkamer en wat mijn werkkamer) en over vloeren. Ik heb onderhandeld over stoelen en ik kocht alvast een lamp:

hanglamp-suzuki-orno-8

een van deze twee beauty’s is nu van mij

En al die tijd had ik op de achtergrond natuurlijk ook nog een knagend gevoel van twijfel. Was dit echt een goed idee? De buurt waar ik naartoe ging was minder leuk dan waar ik woonde en ik zou mijn mooie fiets- en wandelroutes door de stad missen. En: ik ging van een voor- én achtertuin naar een balkon! De achteruitgang! Vrienden wisten me er steeds weer op te wijzen dat ik er op alle andere punten op vooruit zou gaan en dat dit echt een supergoede aankoop is geweest. Dat wist ik ook wel en dat hielp wel een beetje, maar toch, het gevoel ging niet helemaal weg.

Al die dingen zaten me uiteindelijk dus blijkbaar niet in de kouwe kleren, maar wel in mijn hoofd. Zeven maanden lang. En ik kan je vertellen: dat kost energie. Het voelde alsof mijn leven op een soort van pauzestand stond tot ik de sleutel zou krijgen. Ik deed genoeg leuke dingen en had het ook heus wel naar mijn zin. Maar op de achtergrond zat altijd een onrust die met dit alles te maken had. Dat waren lange zeven maanden.

Maar nu dan eindelijk het mooie waar dit allemaal toe geleid heeft: OP 22 SEPTEMBER 2017 KREEG IK DE SLEUTEL VAN MIJN HUIS! De sleutels om precies te zijn:

sleutelbos

Hier is de grote entree:

entree.jpg

En hier nog een paar plaatjes:

Daarop volgde een periode van klussen en nog een beetje gestress en uiteindelijk natuurlijk de grote verhuizing.

Inmiddels woon ik hier bijna twee maanden en ik twijfel geen moment meer of dit de juiste beslissing is geweest (het antwoord is JA!).

Ik heb ruimte, ik heb een geweldige nieuwe keuken, ik heb warmte, ik heb geen schimmel, ik heb rust. En ik heb het hier natuurlijk fantastisch ingericht, al zeg ik het zelf. Stukje bij beetje raakt het hier steeds verder af. En -met hulp van vele lieve vrienden- het ik dit allemaal zelf voor elkaar gekregen.

Daar ben ik best een beetje trots op.

Rosanne ontdekt het noorden

Dit verhaal begint met een teleurstelling. ‘Het noorden’ dat ik ontdekte zou namelijk eigenlijk IJsland geweest zijn. Daar zou ik samen met Vera – voor de xx-ste keer – The xx achterna reizen, dit keer voor hun driedaagse festival Night + Day Iceland. Op een prachtige locatie bij een waterval. Met leuke en goede muziek ook natuurlijk. Daarvóór en daarna zouden we dan nog wat van de rest van het land gaan zien.

Zo’n drie weken voor het festival kreeg ik de teleurstellende mail: het festival was geannuleerd. In de week daarvoor was namelijk de locatie toegevoegd aan de Environment Agency of Iceland’s list of endangered areas en daardoor kon het festival niet meer doorgaan. Vraag me niet waarom ze dat niet eerder wisten en hoe dat dan zat met vergunningen en dergelijke – IK HEB GEEN FLAUW IDEE HOE ZOIETS GEKS KAN GEBEUREN!!!

Ondanks het feit dat we blij zijn dat de natuur gespaard wordt, moesten toch wel even een beetje huilen. Want: IJsland + The xx = wat wil je nog meer? Al snel besloten we om deze teleurstelling om te zetten in een kans: nu konden we een veel goedkopere vakantie in het eigen noorden houden.

En zo geschiedde.

Op vrijdag ontdekte ik Assen. Eerder dit jaar is Janine daar gaan wonen en ik wilde weleens zien hoe ze daar zit. Janine woont al jaren steeds in anti-kraakpanden en heeft daardoor steeds heel bijzondere slaapplaatsen. In Utrecht woonde ze bijvoorbeeld in een oud kantoor van de gemeente waar ze met twee mensen een verdieping deelde. Nu woont ze in Assen in een oude basisschool. Haar kamer is een voormalig klaslokaal en in de gangen en de wc’s hangen nog leuke plaatjes die doen herinneren aan de kinderen die hier naar school gingen.

Het centrum van Assen bleek een mix te zijn van lelijke winkelstraten en -centra die in de jaren 80/90 veelbelovend waren, maar inmiddels vooral troosteloze leegstand te bieden hebben, en statige huizen en straten met monumentale panden. Tenminste, dat deel dat ik ervan gezien heb. Verder kan ik er niet zo veel over zeggen, ik was er ten slotte maar een paar uurtjes.

Na het eten reisde ik door naar Bedum, een dorpje net buiten de stad Groningen. Ook hier bezocht ik vrienden die onlangs naar het hoge noorden verhuisd zijn. Ik was al twee keer eerder in Bedum geweest, waar ik de vorige keer veel Amsterdamse school gezien heb. Deze keer heb ik de midgetgolfbaan van Appingedam, een dorpje wat verderop, aan een nader onderzoek onderworpen. Ik bleek hier voornamelijk de slechtste van het stel te zijn, maar dat mocht de pret niet drukken.

De volgende dag stapte ik samen met Simone op de fiets om de omgeving te verkennen. We fietsten zo’n 15 kilometer door de harde wind naar Abrahams mosterdmakerij in Eenrum, waar we leerden hoe mosterd gemaakt wordt en natuurlijk een groot bord mosterdsoep verorberden. Daarna fietsten we weer zo’n 15 kilometer door de wind én regen terug naar Bedum. De omgeving was mooi en groen en ik was niet eens moe toen we na deze zware tocht van 30 kilometer de geleende elektrische fiets weer bij Simones moeder terugbrachten.

Op maandag was het tijd om weer een ander deel van het Nederlandse noorden te verkennen en vertrok ik van Bedum via Groningen naar Leeuwarden, waar ik Vera ontmoette en we samen verder reisden naar Sneek.

Deze stad verkenden we te voet en we herkenden al snel plekjes; het centrum is dan ook niet erg groot. Maar wel erg mooi! Met een prachtige oude waterpoort, een aantal zeer oude panden en leuke straatjes. Bij de VVV haalden we een stadswandeling waardoor we gericht rond konden lopen en waar we ook nog wat van opstaken. Zo leerden we dat Clemens & August in Sneek hun eerste confectiewinkel openden. We waren vanzelfsprekend erg blij met deze kennis.

We belandden ook in de slijterij van de Weduwe Joustra waar we voor een vrijwillige bijdrage van € 1,- per persoon allerlei jenevers mochten proeven. We hebben niet al te veel geproefd, want we hadden nog een hele stadswandeling voor ons. En anders had ik je nu natuurlijk nooit kunnen navertellen dat de eerste C&A in Sneek stond. Ik heb overigens wel een flesje voor thuis gescoord. Daar hoef ik toch geen kennis op te doen.

Dinsdag ontdekten we nog meer van Friesland op een bejaardencruise van zes uur lang langs een aantal van dé elf steden. Ook hier was de omgeving erg mooi. Veel water (we zaten dan ook op een boot) en groene weilanden met en zonder koeien.

In Sloten, het kleinste stadje van Friesland (met 600 inwoners) maakten we een tussenstop en mochten we drie kwartier rondlopen. Dit was een erg mooi en pittoresk stadje. Daarna vervolgden we onze tocht over het water weer richting Sneek. Zoals gezegd was het erg mooi, maar met de helft van de tocht zouden we ook tevreden geweest zijn. Gelukkig kregen we koffie en oranjekoek, die er mede voor gezorgd hebben dat we deze lange tocht volhielden.

Toen was het alweer tijd voor de volgende ontdekking: Het kleine Paradijs. Zo noemen de eigenaren hun vakantieplek en dat is ook wel terecht. We sliepen hier in een ‘Heilig huisje’ op een prachtig terrein met ook boomhutten, een vlot, een tipi en een yurt. In dit kleine paradijs zaten we heerlijk rustig tussen de bomen, met een prachtige tuin met mooie bloemen en met mooie plekjes aan het water. Dit alles is gelegen net buiten het dorpje Easterein.

Hiervandaan ondernamen we twee excursies. Op woensdag vertrokken we op de fiets en legden we in totaal 50 kilometer af. En dit keer waren de fietsen geheel op vrouwkracht aangedreven – niets elektrisch aan! We volgden een knooppuntenroute en ik heb geen idee meer door welke dorpjes we allemaal zijn gekomen, maar het was mooi! Hier ook weer veel weilanden met en zonder koeien en schapen, veel water en gelukkig ook mooi weer. We ontdekten ook veel weidevogels en mijn interesse voor een paar reigers leidde er bijna toe dat ik met fiets en al in de plomp lag. Gelukkig kon ik mijn remmen nog net op tijd vinden en ben ik gewoon droog thuisgekomen.

Donderdag volgde de wandeltocht. Het begin was niet zo heel leuk, omdat we over een dijk liepen waar regelmatig auto’s voorbijkwamen. Maar na een tijd kwamen we op een stuk dat echt voor voetgangers was en hier was het erg mooi. We kwamen nog door een paar leuke dorpjes en na een tijdje voor een verschrikkelijke stortbui geschuild te hebben kwamen we na een hele tijd aan in Bolsward. We gingen met de bus naar Wommels, vanwaar we nog een half uur liepen naar Easterein. Hier gingen we eten bij Noflik, een heeeeel oud restaurant waar we heerlijk hebben gegeten. Hier moesten we wat langer blijven dan gepland vanwege wederom een paar stortbuien, maar dat maakte niet uit; met een glaasje limoncello erbij was dat goed uit te houden. Na nog een half uurtje lopen waren we weer terug in onze hut en hadden we 20 kilometer in de benen.

Toen restte er nog één dag: op vrijdag ontdekten we Leeuwarden. En dan voornamelijk het Keramiekmuseum Princessehof waar de tentoonstelling Sexy Ceramics te zien was. Dat was me nog eens een ontdekkingstocht. Het klinkt nogal gek en dat was het soms ook wel, maar over het algemeen was het een erg leuke tentoonstelling. Mocht je nog een keer in Leeuwarden komen, dan is het zeker de moeite waard om eens een kijkje in dat museum te nemen. We zagen nog een klein stukje van de stad toen we van het museum naar een lunchroom liepen en daarvandaan naar het station. En dat was het einde van mijn ontdekkingstocht door het noorden.

Ietwat anders dan IJsland, maar toch zeker niet vervelend.

Rosanne loopt voor het klimaat

Eind april was in Amsterdam de People’s Climate March en ik was daarbij. We verzamelden op het Museumplein en liepen vervolgens een rondje door de stad, om uiteindelijk weer terug te keren op het Museumplein.

Het doel: aandacht vragen voor het klimaat. Actie eisen op het gebied van klimaat door het aankomende kabinet. Een klimaatbeleid.

Volgens de organisatie waren er 8.000 mensen. Laten we hopen dat er in de nieuwe onderhandelingen ook aan gedacht wordt.

Waarom ik dit zo belangrijk vind, vraag je je wellicht af. Ik kan eigenlijk geen redenen bedenken waarom het NIET belangrijk zou zijn. Hier dan toch maar een paar redenen waarom ik het WEL belangrijk vind om iets te doen tegen klimaatverandering, opwarming van de aarde enzo je weet wel:

  • Het milieu is onze wereld. Wij leven erin, ervan en kunnen niet zonder. Is de lucht vervuild, dan ademen wij die vervuiling in. Is het water vervuild, dan krijgen wij dat water op allerlei manieren binnen. Is de grond vervuild, dan krijgen wij dat binnen via ons eten. Kappen we bomen omdat we overal palmolie in willen stoppen, dan verdwijnen de ‘longen van de aarde’.
  • Het milieu is de wereld van de toekomstige generaties. Hebben wij het recht om alles kapot te maken, de wereld onleefbaar te maken en vervolgens wel allemaal kinderen te baren die in die wereld moeten leven? Mensen met kinderen houden toch van hun kinderen? Die willen toch het beste voor hen en hún kinderen? Dan kun je hun wereld toch niet eerst afbreken om ze daar vervolgens in los te laten?
  • Alles hangt samen met het milieu en het klimaat. Enorme overstromingen in het ene gebied, enorme droogte in het andere gebied. En de mensen die daar wonen, kunnen daar niet meer overleven. Ze moeten op zoek naar andere plekken. (En terwijl wij hun leefgebied slopen, worden we boos als ze onze kant op komen om te overleven.)
  • Leefgebieden worden ook vakkundig door de mens gesloopt. Leefgebieden van mensen en van dieren. De mensen worden gedwongen te vertrekken óf zich aan te passen en in een ongezonde omgeving te blijven. Dieren sterven uit omdat ze geen goede plek meer hebben om te overleven.
  • …… en ga zo maar door en vul zelf maar in.

Weet jij iets te verzinnen waarvoor de manier waarop wij omgaan met het milieu GEEN probleem is (behalve wijzelf in het nu die in luxe en gemak willen leven en niet over ongemakkelijke dingen willen nadenken), dan hoor ik het graag.

Zo, dat begon een beetje een rant te worden, dus ik hou er maar mee op. Maar je ziet, ik ging voor een belangrijke reden naar Amsterdam.

O ja, en hoe was het dan? In het begin een beetje tam. We liepen tussen allerlei mensen die heeeeel soms een leusje riepen en ook af en toe een suf lied gingen zingen. Toen besloten we even aan de kant te gaan staan om te wachten op de sambaband. Daar kregen we veel meer het gevoel dat we aan het demonstreren waren en hadden we het idee dat we ergens aan meededen. Al werd het nooit heel erg spannend.

Op het Museumplein waren ook nog wat toespraken, maar daar heb ik niet zo goed naar geluisterd. Het was ook wat moeilijk te verstaan van een afstand. Daar zijn vast nog heel nuttige dingen gezegd 🙂

IMG_20170429_165241.jpg

Rosanne ziet bloemetjes

Ja het is alweer even geleden dat ik hier schreef over mijn broodje. Inmiddels heb ik er nóg twee gebakken en heeft een muis ook mijn meel ontdekt. Maar natuurlijk heb ik ook nog meer dingen gedaan. Nog iets langer geleden bezocht ik namelijk de Keukenhof!

In dezelfde week als Nienke twee jaar geleden liep ik in 2017 bloemetjes te bewonderen. Het was helaas een iets minder zonnige dag dan toen, maar ik had gewoon lekker mijn winterjas aan en zo was het best te doen. Inmiddels kan ik me dat niet meer voorstellen, na deze tropische weken, maar het is dan ook al anderhalve maand geleden.

Het was in het paasweekend en mijn broertje uit Duitsland kwam een paar dagen naar Nederland met zijn vriendin. Zijn vriendin komt oorspronkelijk uit Brazilië en wilde dat bloemenfestijn weleens zien, evenals twee Duitse vrienden van haar die dat weekend in Amsterdam waren. Dus nodigden ze mijn ouders uit om een bezoekje aan de Keukenhof te brengen. Toen dat mij ter ore kwam, nodigde ik mezelf ook uit en uiteindelijk ging mijn andere broertje ook mee. Familie bijna compleet!

Het was dus niet alleen leuk om de bloemetjes te zien, maar ook om mijn ouders en broertjes te zien. Mijn ouders zie ik niet heel erg vaak, omdat zij zo ver weg wonen (al weet ik ook wel dat ik zelf degene ben die ver weg van hen is gaan wonen). En mijn broertje uit Duitsland zie ik nog minder vaak, omdat hij, inderdaad, in Duitsland woont. Da’s ook niet naast de deur (al ligt het er natuurlijk maar net aan hoe je dat bekijkt).

Ondanks het best wel gure weer was het toch heel erg druk. Het was Pasen, een mooie dag voor een uitstapje. Daarbij is de Keukenhof maar twee maanden per jaar open (die bollen bloeien niet het hele jaar door), dus iedereen moet het er in een korte tijd van nemen. Soms vond ik het wat vervelend dat er zoveel mensen voor mijn voeten liepen, maar verder vond ik het erg vermakelijk, deze showcase van het Nederlandse exportproduct.

Hier en daar een molen, overal Unox-worsten en stroopwafels te koop, een idyllisch bruggetje en een trekschuit; het was hier allemaal te vinden. En natuurlijk bloemen. Heel veel bloemen. Bolgewassen dus, voornamelijk tulpen. Sommige daarvan zijn heel bijzonder en vond ik echt heel erg mooi. Het park was ook mooi opgezet, met allerlei perkjes en paadjes en laantjes. Er was zelfs een stukje met het thema De Stijl.

Kijk zelf maar:

Uiteindelijk zag ik het zelfs als een vakantiedag en heb ik een magneet gekocht, die nu tussen mijn andere vakantietrofeeën hangt te pronken:

magneet

Mocht je nu ook heel graag al deze bloemenpracht willen zien, dan heb je pech, want het is weer afgelopen. Volgend jaar kun je wel weer, ergens tussen eind maart en eind mei. Veel plezier!

Rosanne bakt ze bruin

Vriendin A had al een paar keer enthousiast verteld over haar broodbakavonturen. Ze had namelijk sinds kort een broodbakmachine in huis en bakte regelmatig heerlijke broodjes. Toen ze voor een paar maanden naar het buitenland vertrok, kreeg ik de machine in bruikleen, joepie!

Ik ging op zoek naar recepten voor lekker brood en zag door de bomen het bos niet meer. Er was zoveel, maar er moesten soms zulke gekke ingrediënten door. Melk of suiker bijvoorbeeld. Dat leek mij niet nodig voor een brood, dus die recepten vielen af. Na een tijdje zoeken, gaf ik het steeds weer op.

Tot ik op een gegeven moment (die machine stond nu al zo’n vier weken onaangeroerd op dezelfde plek), na weer een tijdje zoeken, een resoluut besluit nam. Een bepaald recept zag er goed genoeg uit en ik ging direct boodschappen doen om de benodigde ingrediënten te kopen.

Daar bleken ze het meel dat ik nodig had niet te hebben.

Ook ter plekke in de winkel nam ik toen een resoluut besluit: ik kocht een zakje met kant-en-klaarmeel. Geen gedoe meer met recepten uitzoeken en net zo makkelijk voor mijn eerste broodbakervaring! Daarna kocht ik nog even een broodmes (want dat brood komt niet eens gesneden uit de machine) en was ik er klaar voor.

Thuisgekomen nam ik snel de gebruiksaanwijzing van de machine door en ging ik aan de slag. Bij deze supermakkelijke broodmix hoefde ik slechts de mix met wat water in de machine te doen en op de juiste knopjes te drukken. Daarna was het een kwestie van wachten.

De machine kneedt eerst het deeg, laat het vervolgens rijzen en wordt daarna een echte oven die na de juiste tijd gaat piepen. Op dat moment is het brood klaar en kun je het uit de machine halen. Makkelijker kunnen we het niet maken.

En kijk, dit is mijn eerste zelfgebakken brood:

Ziet dat er niet heerlijk en prachtig uit? Ik vond van wel en het was ook zeer smakelijk!

Na dit kant-en-klaaravontuur wil ik natuurlijk nog steeds graag een wat meer zelfmaakrecept gaan uitproberen, maar daar ben ik nog niet aan toegekomen. Hopelijk lukt dat binnenkort weer een keer.

Rosanne gaat op avontuur

Ieder jaar kun je op de laatste zondag van de boekenweek met het boekenweekgeschenk gratis met de trein reizen. Ik heb daar al regelmatig gebruik van gemaakt als ik bijvoorbeeld bij mijn ouders op bezoek ging. Maar wat me ook altijd al leuk leek, was zomaar ergens naartoe gaan, gewoon, omdat het kan. En dan het liefst zo ver mogelijk, zodat ik zoveel mogelijk profijt heb van de gratis reis.

Dit jaar kwam dat eindelijk uit! Ik stelde aan vriendin H. voor om samen te gaan en het leek haar ook een goed idee. Zij moest nog tot 13.00 uur werken, dus zo heel erg ver zou het niet gaan worden, want we wilden natuurlijk niet de hele dag alléén maar in de trein zitten. Haarlem, dat was wel te doen en ik was daar nog nooit geweest.

H. kon uiteindelijk toch wat vroeger, dus waren we al om 11.00 uur op Utrecht Centraal. We moesten de trein naar Amsterdam Centraal nemen en daar overstappen op de trein naar Haarlem. Toen die trein eenmaal aankwam, zagen we:

  • dat hij niet heel erg lang was;
  • dat er heel erg veel mensen in zaten;
  • dat er heel weinig mensen uitstapten;
  • dat er heel veel mensen instapten.

Aangezien vriendin H. iets te kort had geslapen en iets te veel had gedronken, zei ze direct: ‘Ik wil niet in deze trein!’ Haar status in combinatie met de hitte was niet geschikt voor deze rit.

Oké, wat dan? De treinen richting het zuiden zouden vast iets minder druk zijn. En een kwartiertje later vertrok de trein naar Maastricht. Dat leek ons iets te ver, maar Roermond, dat zou vast wel te doen zijn.

En zo veranderde onze bestemming van Haarlem naar Roermond. Wat een flexibiliteit!

Deze trein was ook nog aardig druk, maar een heel stuk rustiger dan die naar Amsterdam. We vonden een goede zitplek en begonnen onze reis. De reis duurde wel iets langer dan die naar Haarlem: wel 1 uur en 40 minuten (en zou normaal gesproken zo’n € 40,- kosten, katsjing!!!). H. had het daar wel een klein beetje zwaar mee en was erg blij toen we in Roermond konden uitstappen en frisse lucht kregen.

In Roermond aangekomen werden we direct verrast door dit fantastische bouwsel:

Ze dachten daar vast: Wat Amsterdam kan, kunnen wij beter!

Ik zeg maar niets.

Gelukkig was het prachtig weer en we vonden al snel een plein met een aantal terrassen midden in de zon. Wat was dat heerlijk! Na een lunch met een kopje soep ging het met H. gelukkig ook een stuk beter, dus die kon er weer tegenaan. Ik nam een aspergesoepje; wat moet je anders als je in Limburg bent?

De rest van de dag hebben we wat door de stad gewandeld, met een fles water en zak chips aan het water gezeten en uiteindelijk nog een biertje op een terras gedronken. Het was erg gezellig en Roermond is ook een erg leuk stadje.

Volgend jaar misschien nóg iets vroeger weg, zodat ik nóg verder kan en nóg meer winst maak!

Rosanne loopt

Ooit lang geleden ging ik hardlopen. Ik volgde netjes een schema om het op te bouwen, maar kreeg na een tijdje last van mijn schenen. Het werd steeds erger en op een gegeven moment stopte ik er maar mee. In de jaren daarna probeerde ik het af en toe weer eens op te pakken, maar steeds had ik weer ergens last van.

Was het mijn lichaam, dat hier niet geschikt voor bleek te zijn? Waren het de schoenen, die niet geschikt bleken te zijn? Ik wist het niet, maar ik vond het wel jammer.

Nu wilde ik het toch graag weer eens gaan proberen, maar dan serieus. Onder begeleiding en met nieuwe, goede schoenen. Via Google kwam ik terecht bij een hardloopclinic van Run2Day, een winkel voor hardloopkleding- en schoenen. Een paar weken later zou er een nieuwe clinic voor beginners van start gaan en ik besloot me daarvoor aan te melden.

Er was eerst een voorlichting, waar twee anderen en ik kwamen opdagen. Dat was een klein clubje. Maar er waren nog wel een paar aanmeldingen voor de clinic, dus we zouden niet de enige zijn. Ik kreeg een kortingsbon voor de winkel, waar ik daarop natuurlijk ook mijn schoenen kocht. En zo was ik er klaar voor!

(Op deze foto komen ze net uit de doos; inmiddels zijn ze al iets viezer hoor.)

Op zaterdag 4 maart was de eerste training. Om 9.30 ‘s ochtends. Ja, 9.30 ‘s ochtends; dat zou de komende acht weken het begin van mijn zaterdag zijn! Gelukkig ga ik tegenwoordig niet zo vaak meer biertjes drinken op de vrijdag, dus het is best te doen.

Inmiddels heb ik vier trainingen gehad (de tweede heb ik gemist, want toen was ik in Krakau) en ik moet zeggen: het gaat best goed. Op zaterdagochtend geeft André ons allerlei opdrachten. Soms kleine stukjes hardlopen, soms wat langere stukken wat zachter lopen. En wat hij ons blijft inpeperen: LOOP NIET TE SNEL! Het heet dan wel ‘hardlopen’, maar je moet het echt heel langzaam opbouwen. Je conditie gaat meestal best snel vooruit, maar je lichaam moet eraan wennen. Iedere keer dat je je voeten neerzet, komt je hele gewicht op je enkels. En hoe harder je loopt, hoe harder dat aankomt.

Door de week moeten we zelf ook twee trainingen doen en die doe ik dan ook altijd heel netjes heel erg langzaam. Ik zet lekker kleine stapjes en ga niet al te snel vooruit. Heerlijk! Of ik zo ooit erg ver zal komen, dat weet ik nog niet, maar voorlopig vind ik dit prima. Ik ben ook veel te bang dat ik anders weer last ga krijgen van mijn schenen, en dat wil ik niet.

Vanochtend was mijn vierde training en we hebben twee keer tien minuten aan een stuk gelopen. En daartussen nog heel veel oefeningen met wat kortere stukjes hardlopen. De training duurt een uur en reken maar dat André ons laat werken!

Af en toe heb ik wel wat pijntjes hier en daar, maar ik heb niet het idee dat dat ernstige dingen zijn. Ik loop dus gewoon lekker door. Soms vind het wat zwaar, maar over het algemeen gaat het me goed af. Nog drie lessen te gaan en dus nog zes keer tussendoor zelf trainen. En daarna… natuurlijk ook verder zelf trainen! Wie weet loop ik ooit wel 5 km achter elkaar. En of ik daar dan een half uur of een uur over doe, dat maakt me niet zoveel uit. Ik ben al heel blij als ik dat kan!

Rosanne bezoekt Krakau

De planning was dat deze blog getiteld zou zijn: Rosanne bezoekt Polen. Maar heel onverwacht ging ik vorig jaar in december plotseling naar Warschau en had ik dit land dus al een keer bezocht. Maar Krakau was wel nieuw voor me, dus telt het reisje wat mij betreft toch mee als Sleurzusteractiviteit.

Krakau is een mooie stad met een paar interessante wijken. Ik verbleef met een groep vrienden in een hotel in het oude stadscentrum. Daar heb ik verder eigenlijk weinig van gezien, behalve tijdens de tochtjes richting een restaurant of café. Het was mooi en, voornamelijk in het weekend, erg druk met toeristen (en ‘s avonds met dronken Engelse toeristen – daar bleven we het liefst verre van).

Even verderop was Kazimierz, de joodse wijk, waar ik vaker ben geweest. Ik heb daar een wandeling gemaakt uit het 100%-boekje (tegenwoordig Time to momo geheten) – een serie reisboekjes waar meestal erg goede tips in staan. Verder heb ik daar iedere dag ontbeten, een paar keer een biertje gedronken en ook nog een keer ‘s avonds gegeten. Een andere interessante wijk is Podgórze, de wijk waar vroeger het joodse getto was. In die wijk komen ook steeds meer leuke winkeltjes en cafeetjes.

Krakau, en heel Polen denk ik, heeft een heftige geschiedenis en daar is nog veel van terug te zien. Hierboven noem ik al de joodse wijk en het joodse getto. In Kazimierz waren vanaf de 14e eeuw veel joden gevestigd. In de Tweede Wereldoorlog moesten ze in Podgórze gaan wonen. Uiteindelijk zijn bijna al deze mensen naar concentratiekampen gebracht, of omgebracht in het getto toen dit ontruimd werd. In Kazimierz staan nog een aantal synagoges en is er ook relatief veel joodse horeca. In Podgórze zijn veel gebouwen die herinneren aan het getto en er is ook een plein met een groot monument ter nagedachtenis aan de omgebrachte joden. In deze wijk staat ook de fabriek van Oskar Schindler, die je misschien wel kent van de film Schindler’s List.

Wat ik best wel shocking vond, was dat er op de vlooienmarkt in Kazimierz heel veel speldjes en insignes met hakenkruizen en het SS-teken verkocht werden. En dat ook nog eens tegelijk met menora’s (joodse kandelaars) en schilderijtjes met joodse mannen die geld zaten te tellen. Bizar, toch?!

Maar naast deze shockerende ontdekking en de nare geschiedenis vond ik Krakau voornamelijk een heel erg leuke en fijne stad. Zo belandden we de eerste avond in een metalkaraokebar (nee, ik heb niet meegedaan) en was er achter bijna iedere deur wel een koffietentje, restaurant of café te vinden. Wil je daar verhongeren, dan moet je echt je best doen! Het is namelijk ook nog eens goedkoop (voor ons West-Europeanen dan hè). Sowieso was ik met goed gezelschap, wat een van de belangrijkste ingrediënten voor een geslaagd tripje is. Een vriendin met Poolse roots had alles voor ons geregeld, super!

En er is heel veel mooie street art!

Wat mij betreft een aanrader voor een leuke stedentrip!

Rosanne is klapvee

Ergens begin dit jaar zag ik een oproepje: in de Werkspoorkathedraal in Utrecht zou een nieuw SBS6-programma opgenomen worden en er waren nog toeschouwers nodig voor op de tribune. Dat zag ik wel zitten. Het programma dat opgenomen zou gaan worden, was namelijk Ninja Warrior. In dit programma moeten deelnemers een zwaar hindernissenparcours afleggen. Degene die het haalt, is de eerste Nederlandse Ninja Warrior. Vroeger keek ik met Vera weleens naar WipeOut, wat we altijd erg vermakelijk vonden. Dus om bij dit vergelijkbare programma live aanwezig te mogen zijn, leek ons een eer.

Daarom stonden wij op een zaterdag om 16.00 uur paraat om de deelnemers aan te moedigen. We moesten tot 23.00 uur binnen blijven, dus we hadden wat voor de boeg. De gehele week waren er al afleveringen opgenomen en wij waren bij de laatste opnames aanwezig: de halve finale en de finale. Er was natuurlijk nog niets uitgezonden, dus we wisten niet wie er meededen en eventueel al afgevallen waren. Maar dat deerde niet, wij zouden ter plekke wel bepalen wie onze favoriet was.

Wij stonden daar dus om 16.00 uur paraat. Na heel veel tijd mochten we eindelijk de tribunes in de zaal betreden waar alles plaats zou vinden. Daar kwam een publieksentertainer die ervoor moest zorgen dat wij als publiek een beetje enthousiast werden. Wij werden juist niet zo erg blij van deze enigszins seksistische kerel, maar daar lieten we ons niet door kisten. We kwamen natuurlijk voor het aanmoedigen van de deelnemers.

Eigenlijk mochten we geen foto’s maken, maar deze heb ik stiekem van het parcours gemaakt.

Dat aanmoedigen ging ons best goed af. In het begin nog een beetje onwennig, maar we zaten er al snel helemaal in. Het parcours was namelijk behoorlijk heftig en we waren onder de indruk dat iemand dit überhaupt zou kunnen. We waren dus ook echt wel begaan met de deelnemers. We hoopten dat een aantal van hen het eerste deel in ieder geval zou halen (ook weer niet té veel, want hoe meer deelnemers doorgingen naar de finale, hoe langer wij daar ook nog zouden moeten zitten). Uiteindelijk werden we inderdaad, volgens planning, rond 23.00 uur weer vrijgelaten.

Verder kan ik er eigenlijk weinig over zeggen, want jullie moeten natuurlijk zelf naar het programma kijken om te zien wie de winnaar is geworden en of iemand zich de eerste Ninja Warrior Nederland mag noemen.

Het programma wordt op donderdagavond uitgezonden en de eerste twee afleveringen zijn al geweest. Ik weet niet precies wanneer de finale uitgezonden zal worden, maar dat zal nog wel een paar weken duren. Mocht je gaan kijken en je afvragen waar je ons eventueel in beeld kunt zien: het stukje net voor the wall en achter een kale man met een felroze trui. Lekker makkelijk herkenbaar!

De Sleurzusters gloeien in het donker

Ooit kwamen we erachter dat het bestaat: glowgolfen, of golf in the dark. Lekker minigolfen in het donker, met uv-licht. Die activiteit belandde natuurlijk direct op ons verlanglijstje. Na gloeien in Eindhoven kon gloeien op de minigolfbaan niet ontbreken.

Toen Rosanne van Nienke en Ruben een verjaardagscadeautje kreeg met de strekking ‘samen iets leuks gaan doen’, was het dan ook gelijk duidelijk: we zouden gaan minigolfen in het donker!

Het duurde even voor het ook echt gebeurde, maar vorige week stonden we eindelijk op de baan in Woerden. En zo zag dat er ongeveer uit:

Iedere baan had een ander thema en het was steeds weer een verrassing waar je de bal naartoe zou moeten leiden.

Ruben had een mooi wit overhemd aan, waardoor hij flink glowde. Nienke en Rosanne hadden nog een soort van poging gedaan, maar hadden niet echt witte kleding, dus zij waren niet zo zichtbaar (ook onze donkere tassen raakten we af en toe kwijt). Je kunt zien dat Rosanne nog ergens een poging deed haar tanden te laten oplichten, maar ook die waren niet wit genoeg.

We bleken allemaal ongeveer even goed/slecht te zijn, want er zat weinig verschil tussen onze eindstanden. Ruben was de winnaar. Rosanne en Nienke deelden een tweede plaats (met de ene puntentelling was Nienke iets beter, met de alternatieve puntentelling Rosanne):

eindstand

Na afloop besloten we nog ergens koffie te drinken met een taartje erbij. En waar stuitten we op in het mooie Woerden? Van Rossum, met echte Van Rossum’s koffiekoppen! Daar moesten we heen! We aten allemaal een lekker stuk taart met een kopje koffie of thee erbij.

Dat was een geslaagd einde van een gloeiend dagje!

Rosanne doet klassiek

In 2014 werd in Utrecht TivoliVredenburg geopend. In dit enorme gebouw, ook wel Muziekpaleis genoemd, zijn het poppodium Tivoli en het Muziekcentrum Vredenburg gefuseerd. Je kunt sindsdien dus in Utrecht in één gebouw terecht voor optredens, festivals, uitgaansavonden en klassieke concerten.

Om deze werelden iets dichter bij elkaar te brengen, staat eens in de zoveel tijd een speciale avond op het programma: Pieces of Tomorrow. Het Radio Filharmonisch Orkest speelt na de repetitie op donderdag het werk van de vrijdag. Op deze avond is er geen dresscode, de musici introduceren kort wat ze gaan spelen en waarom, en je biertje mag mee naar binnen. Dj St. Paul is de host en visuals ondersteunen het verhaal van de muziek.

Ik weet niet meer wanneer deze avond voor het eerst georganiseerd werd (misschien gelijk na de opening van TiVre?), maar ik weet wel dat ik altijd dacht: Dat lijkt me leuk! En dat ik er uiteindelijk nooit naartoe ging. Toen een vriendin mij als vergeten-verjaardagscadeautje aanbood om iets samen te gaan doen, wist ik al snel wat dat zou zijn: samen naar Pieces of Tomorrow gaan.

Begin februari was er weer zo’n avond en wij waren daarbij aanwezig. Zonder enige voorbereiding gingen we daarheen; we hadden besloten ons te laten verrassen. Het stuk dat gespeeld werd, was Also sprach Zarathustra van Richard Strauss, een stuk dat we allebei niet kenden.

Het vond allemaal plaats in de Grote Zaal, die mooie zaal waar ik eerder ben geweest als Sleurzuster. Van tevoren dronken we iets in een van de vele hoekjes rondom de zaal. Toen we besloten dat het tijd was om naar binnen te gaan, zagen we dat heel veel mensen voor ons dat ook al hadden besloten: het zat behoorlijk vol! Gelukkig zagen we nog ergens een mooi plekje voor twee personen, ergens boven in het midden van de zaal. Daar hadden we een perfect uitzicht op het orkest.

toen er nog geen orkest zat

toen er nog geen orkest zat

Dj St. Paul deed zijn introductie en de dirigent vertelde iets over het stuk. Strauss was voor dit stuk geïnspireerd door de gelijknamige filosofische roman van Nietzsche. Het geheel bestaat uit negen delen, die vernoemd zijn naar de hoofdstukken uit het boek. Het openingsstuk is zeer bekend, onder meer doordat het in de film 2001: A Space Oddyssey van Stanley Kubrick is gebruikt. De dirigent vertelde over een paar terugkerende thema’s in het stuk en hij gaf er nog meer informatie over (die ik inmiddels natuurlijk al vergeten ben).

Daarna begon het orkest het stuk te spelen. Het eerste deel was inderdaad bij iedereen bekend en doordat we van tevoren gewezen waren op de thema’s, hoorden we die af en toe ook terugkomen. Dat maakt het wat interessanter om naar de muziek te luisteren. Via de visuals werd steeds aangegeven wanneer een nieuw deel begon en hoe dat heette en dat was ook wel handig.

Ik vond het voornamelijk leuk om te kijken naar de muzikanten: de man die slechts een paar keer op een triangel hoefde te slaan, de twee harpisten die soms in actie kwamen, de fluitisten (ja, ik ben/was ooit ook een fluitist, dus dat is extra interessant), de violisten met strijkstokken die allemaal tegelijk op en neer gingen. Het was allemaal mooi, al ben ik nu niet direct fan van deze muziek.

Deze avond vond ik wel erg leuk. Misschien ga ik nog een keer, naar weer een ander stuk, en word ik nog eens verrast met iets wat ik wel heel mooi vind!

Rosanne koopt een huis

Wat een volwassen gedoe hier opeens. Blijkbaar kan dat iedereen overkomen.

Bij mij begon het in de herfst. Mijn woonsituatie: klein, gehorig (ik hoor het zelfs als de bovenburen zich in hun bed omdraaien), koud en vochtig (geen isolatie, alleen een gaskachel in de woonkamer) en met hier en daar schimmel. Een woningcorporatie die niets aan de schimmel kan (of wil?) doen. Een woningcorporatie die plannen maakt om de woningen in de wijk te renoveren en onderhouden (wat ze sinds de jaren zestig niet meer gedaan hebben), maar van deze plannen steeds niets terecht laat komen. Toen ik begin oktober weer een lading schimmel achter het hoofdeind van mijn bed ontdekte, was ik het zat! Ik moest hier weg!

Ik vroeg me af of ik niet een huisje zou kunnen kopen en het grote internet bood raad: het leek erop dat dat zou kunnen! Tenminste, ik zou een hypotheek kunnen krijgen. Daarmee is nog niet gezegd dat ik in Utrecht iets moois zou kunnen kopen, want zo makkelijk is het hier allemaal niet. En dat het het afgelopen jaar net enorm goed is gegaan met de woningmarkt is natuurlijk ook niet zo positief als je hier juist als starter op komt kijken. Op Funda zag ik af en toe wel iets leuks, maar of het zoveel beter zou zijn dan wat ik nu had, was maar de vraag.

Toen stuitte ik op een renovatieproject met de prachtige naam Kenn – Kanaleneiland Noord-Noord. Diezelfde woningcorporatie die mij hier in de kou laat zitten, heeft daar haar bewoners zelfs de deur gewezen om vervolgens de flat te gaan verbouwen en de appartementen te verkopen. Kijk, daar kon ik mooi van profiteren! De woningen zijn 76 m2, krijgen isolatie die leidt tot energielabel B en er komen een compleet nieuwe keuken, badkamer en wc in.

De verkoop was net een paar weken van start en het ging hard. Ik hield het een beetje in de gaten en dacht erover na of ik dit zou willen. De benedenwoningen, met tuin, waren allemaal direct verkocht, dus eerst dacht ik: dikke pech! Maar ik ging er toch wat vaker over nadenken, met de schimmel tegen mijn achterhoofd. Ik besloot nog eens te vragen hoe het ervoor stond, en ja hoor, er bleek nog één woning vrij te zijn. Nog één! Toen dacht ik: laat ik me toch maar even aanmelden en kijken of het wat is.

Dus ik schreef me in en ging de woning bekijken.

Je snapt, dit gaf de doorslag, dit was mijn droomhuis! Die Mondriaan look & feel deed het hem.

Er was ook een modelwoning en daar kon je zien hoe de woningen uiteindelijk gaan worden. Die zag er ook wel aardig uit, dus de beslissing was genomen. Ik ging ervoor!

Toen moest ik me met andere volwassen zaken gaan bezighouden, zoals kleuren van keukenkastjes uitzoeken en: de hypotheek. Getsie. ‘Gelukkig’ was de keuze hierin makkelijk: als zzp’er die best ok verdient, behalve in het laatste hele boekingsjaar, moest ik op een wat andere manier dan normaal aantonen dat ik dit wel zou kunnen betalen. En er was maar één bank waarbij dat kon. Ik hoefde er dus niet over na te denken welke bank ik zou kiezen.

Maar het hele proces van dingen uitzoeken en wachten en dingen aanvragen en wachten en wachten en wachten, ging me niet in de koude kleren zitten. Die banken hadden het druk, zo aan het einde van het jaar, en kwamen dus niet zo snel aan mijn dossier toe als normaal gesproken. De hypotheekadviseur was ervan overtuigd dat het zou lukken, maar ik geloofde het toch pas op het moment dat de bank mij een aanbod zou doen. En ondertussen schipperde ik tussen ‘wel Pinterest bekijken en bedenken wat ik allemaal in mijn huis zou willen en in mijn hoofd eigenlijk mijn hele huis al inrichten‘ en ‘er niet over nadenken, want als het straks toch allemaal niet doorgaat, ben je extra teleurgesteld’.

Slapeloze nachten mensen, slapeloze nachten!

11 januari, ruim een maand na mijn aanvraag, kwam eindelijk goed bericht: de bank ging akkoord en stuurde mij een definitieve bindende offerte. Yes! Wat een opluchting! En blijheid! En ook nieuwe stress: wat heb ik gedaan? Ik koop een huis! Nu zit ik voor dertig jaar aan een hypotheek vast! Kan ik wel altijd genoeg werk blijven vinden om dat te betalen? En ben ik nu volwassen ofzo?

Gelukkig overheerst nu wel de blijheid. 24 januari was het helemaal compleet finaal officieel: ik heb de stukken bij de notaris getekend.

handtekening

Vanaf nu mag ik ook gaan betalen, terwijl ik nog niet eens een sleutel heb gekregen, grrr. De verbouwing is in volle gang en de planning is dat het gehele project het derde kwartaal klaar zal zijn. Ik moet dus nog wel even wachten, maar ik ga ervan uit dat ik vóór de komende winter heel volwassen – en burgerlijk natuurlijk – in een lekker warm schimmelloos eigen huis zal zitten!

The Return of the Sleurzusters

GUESS WHO’S BACK?!

Zo, video bekeken? Wij denken dat die wel voor zich spreekt, maar voor alle duidelijkheid: Sleurzusters are back again! En hoe?! Speciaal voor jullie hebben we deze mooie rap geschreven. Je kunt het jaar (ok dan, de maand februari) niet beter beginnen.

Weet je nog dat we ooit een aankondiging deden van iets moois waar we mee bezig waren? Iets meer dan een jaar geleden? Nou dat is dus dat kleifilmpje. Het wachten waard, niet? Het lijkt misschien of de beelden en de tekst niet helemaal matchen. Dat kan kloppen hoor! De ‘videoclip’, waarin je een aantal van onze belevenissen uit 2015 kunt zien, was er eerder dan de rap. Maar dat mag de pret niet drukken. Artistieke vrijheid, noemen we dat. Wat ons betreft kan de grammy ons niet meer ontgaan.

Waar we al die tijd geweest zijn?

Nou, we hebben heus niet stilgezeten hoor. Sleurzuster Rosanne was behoorlijk druk met werken, waardoor het sleurzusterleven even op de achtergrond raakte. Maar ondertussen heeft ze toch nog van alles gedaan. Van bier brouwen tot spacecake snoepen en van eekhoorns spotten tot honden uitlaten. Van yogaën (niet alleen in de sportschool, maar ook een keer bij zonsopkomst op een berg met uitzicht op de zee, wow!) tot suppen tot 20 kilometer wandelen.

Van uit ontbijten in eigen stad tot picknicken in de regen. En een hele hoop reisjes maken. In een jaar kwam ze in Berlijn, Hamburg, Oostenrijk, München, Keulen, Kopenhagen, Portugal, Lille, Warschau, Groningen en ook nog eens op Flakkee.

En ook nog, samen met Nien, op De Trap in Rotterdam!

En Nienke? Die deed lekker mee de pretbrownies en ook met het bier dat erg ‘bijzonder’ smaakte, vooral door de bier-kaassoep.

Verder heeft ze voor het eerst een hunebed gezien, een aantal leuke musea bezocht en heeft met haar broer de familiefilm afgemaakt en zodoende de basics van het monteren geleerd (en dat is leuk!). Ook heeft zij veel bands gezien die ze al heel lang graag wilde zien, zoals Madness, The Last Shadow Puppets (Alex Turner!) en De Staat en ook nieuwe bandjes ontdekt (DMA’s en Seratones). Ze is naar een enorm koud en modderig konijnenhol geweest met vriendinnen (waaronder zuster Roos): Down the Rabbit Hole. Dat is een erg leuk festival, maar vast nog veel leuker als het lekker weer is. Ze is per ongeluk een carrière begonnen in groendaken (onderhoud en aanleg), heeft een workshop Turks Marmeren gevolgd (cadeau van Marijn en Annick) én is met Douwe Bob op de foto geweest.

Dus zoals je ziet heeft ook deze Sleurzuster meer gedaan dan bankhangen en schermstaren het afgelopen jaar.

Nu is het (al even) 2017 en zijn we er weer helemaal klaar voor. In iets andere vorm dan eerst, want iedere week iets nieuws gaat dit jaar niet lukken. Maar we gaan sowieso leuke, goede en spannende dingen doen! Doe je weer met ons mee?

Rosanne liebt Berlin

Ja hoor, een paar maanden geleden was het nog Rome, en nu houdt ze opeens van Berlijn!

Maar hé, heb ik ooit gezegd dat mijn liefde exclusief was? Ik hou gewoon van Rome én van Berlijn (en wie weet wat nog meer).

Waarom dan? Omdat Berlijn gewoon een fantastische stad is. Need I say more?

Nou oké, misschien toch wel handig.

Zoals je wellicht al in mijn hondenbericht gelezen hebt, ben ik onlangs drie weken in Berlijn geweest. Dit was niet drie weken lekker vakantie vieren; nee, ik moest drie weken lang een hond(je) verzorgen! En ik moest ook nog wat werken; zomaar even drie weken vakantie nemen zat er niet in.

foto

Ondanks al die zware taken nam ik af en toe ook de tijd om de stad te verkennen. Een paar jaar geleden ben ik al eens in Berlijn geweest, dus ik had al het een en ander van de stad gezien. Dit keer waren veel van mijn activiteiten op de Duitse deling gericht, oftewel de periode van de Berlijnse Muur. Want ja, dat heeft nogal wat invloed gehad op de stad.

Zo ben ik eerst in het Stasimuseum beland: zoals je misschien wel begrijpt, een museum over de Stasi. De Stasi was de Staatssicherheit, die in de tijd van de DDR actief was – zeer actief. De werknemers waren vooral druk met spionageactiviteiten om op die manier de vijand van het regime te ontmaskeren. Je was overigens al vijand als je er ooit ergens in de verte één seconde aan had gedacht naar het westen te willen ontsnappen.

Hier heb ik veel geleerd over wat de Stasi allemaal deed en welke methodes ze gebruikten om de vijand te doen zwichten. Niet zo leuk hoor! Maar het was wel erg interessant. Temeer omdat het museum gevestigd is in het oude hoofdkantoor van de Stasi en de bureaus en typemachines van de eindbaas en zijn secretaresses daar allemaal nog staan.

Vervolgens ben ik nog een keer naar de East Side Gallery gegaan. Direct na de val van de Muur hebben kunstenaars op dit deel (wat dus wel is blijven staan) muurschilderingen aangebracht. Een paar van deze schilderingen zijn heel beroemd geworden, zoals de Trabant die door de muur rijdt en de twee mannen, Honecker en Brezjnev, die elkaar zoenen. De muur liep op deze plek direct langs de rivier de Spree. Gek om te bedenken dat je vanuit het oosten dan maar een paar meter van de rivier vandaan stond, maar daar niets van kon zien.

Momenteel wordt dit deel van de Muur gereinigd, omdat er toch altijd gekken zijn die hier allemaal graffiti en tags overheen spuiten. (In 2009 was het nog voor € 2 miljoen helemaal opgeknapt, maar daar is inmiddels weinig meer van te merken.) Daarom stonden er hekken voor de muur. Oh ironie.

Bernauer

Bernauer Strasse

Daarna ben ik ondergronds gegaan bij Unterwelten. We kregen een rondleiding door de metrostelsels van de stad en het thema van de rondleiding was ondergrondse ontsnappingen. Zo probeerden mensen over de metrosporen of door het riool naar het westen te vluchten. Toen deze vluchtwegen geblokkeerd waren, begonnen ze tunnels te graven. Er zijn heel veel tunnels gegraven, maar er waren er maar een paar succesvol (aantallen heb ik niet onthouden en ik kan het ook niet terugvinden, jammer hè).

Nog een bijzonder overblijfsel uit deze periode is het Tränenpalast. In dit gebouw was van 1962 tot 1989 de controlepost naar de grensovergang op station Friedrichstraße. Hier werd iedereen uitentreuren gecontroleerd. Hoewel, iedereen; het waren voornamelijk bezoekers uit West-Duitsland die hier doorheen kwamen. Slechts enkele DDR-burgers kregen toestemming om uit te reizen. In dit gebouw begroetten mensen familieleden die ze allang niet meer gezien hadden en namen ze ook weer afscheid. Dit ging gepaard met veel emoties en tranen, vandaar de bijnaam Tränenpalast (paleis der tranen). Nu is er een gratis permanente tentoonstelling met veel informatie, foto’s, spullen en getuigenverslagen uit die tijd.

Tempelhof

En tot slot heb ik ook nog de voormalige luchthaven Tempelhof bezocht. Deze luchthaven heeft niet direct te maken met de DDR, de Stasi of de Muur. De bouw is namelijk al voor de Tweede Wereldoorlog begonnen in opdracht van Hitler (tijdens de oorlog is de bouw stilgelegd, want toen had hij het geld, de mannen en de materialen even voor andere doeleinden nodig). Maar in het begin van de scheiding van Duitsland is deze luchthaven wel belangrijk geweest, omdat het de enige toevoer van goederen (eten, drinken, brandstof en eigenlijk alles wat je maar nodig kunt hebben) naar West-Berlijn was. In die eerste periode kwam er iedere minuut een vliegtuig aan. Daar ging dan ook weleens wat fout en daarbij zijn 78 mensen omgekomen.

In dit gebouw kregen we een rondleiding van twee uur door leegstaande ruimtes. Het is namelijk een enorm gebouw: het is een van de grootste gebouwen van Europa. Een deel is in gebruik als kantoorruimte; onder andere het hoofdkantoor van de Berlijnse politie is hier gevestigd. Momenteel worden er ook vluchtelingen opgevangen. Het terrein is nu de grootste open ruimte van de stad en je kunt op de start- en landingsbanen fietsen, skaten, vliegeren, hardlopen, wandelen … Er zijn ook bbq-plaatsen en moestuintjes. Natuurlijk vinden investeerders dit een mooie plek om grote gebouwen te plaatsen, maar middels een referendum is onlangs besloten dat het in ieder geval de komende tien jaar moet blijven zoals het nu is. Wat er daarna gaat gebeuren, weet natuurlijk niemand …

Ben je er nog? Heb je het gered tot hier? Respect! Nog een klein eindje, dan ben je er!

Dit was namelijk mijn DDR-ronde (al heb ik ook nog films en documentaires over die periode gekeken, maar daar zal ik het niet over hebben). Daarnaast heb ik natuurlijk ook nog heerlijk gegeten (o.a. Koreaans, Vietnamees, Russisch, Italiaans, Thais), ben ik naar Bikini Berlin geweest (een conceptgebouw met winkels en restaurantjes en uitzicht op de dierentuin), in de Gedächtniskirche, op de Fernsehturm, in de koepel op de Reichstag, naar het RAW-Gelände en ben ik twee keer naar de bioscoop geweest.

Dat waren drie weken in een notendop.

Wil je ook al naar Berlijn?

Rosanne laat de hond uit

Stel: je hebt vrienden in Berlijn wonen, die vrienden hebben een hondje, ze gaan een paar weken op vakantie en ze zoeken een oppas voor het hondje. Die oppas verblijft dan natuurlijk in hun huis in Berlijn. Wat doe je dan?

Ik wist het wel en ik sprong bijna gelijk in de trein (bijna, want als ik dat gelijk had gedaan, was ik er een paar weken te vroeg geweest en dat leek me niet zo praktisch).

Nu denk je misschien: hou jij van honden dan? Nee, dat doe ik in het geheel niet. Hoewel ik het soms best grappige beestjes vind, houd ik me er over het algemeen het liefst verre van. Maar dit hondje, Popcorn genaamd, had ik al vaker gezien en is klein en lief. Oké, ze blaft veel en is erg druk als er veel mensen zijn, maar zodra je alleen met haar bent, is ze vooral heel klein en lief. Dus bedacht ik me dat ik dat vast wel aan zou kunnen.

Drie weken geleden vertrok ik dan. Denk niet dat ik zomaar even drie weken vakantie kon nemen. Nee, ik had het juist net drukker dan ik het in lange tijd gehad heb. Maar ik neem mijn laptopje mee, heb verder alleen internet en koffie nodig, en ik kan aan het werk. Dat werken kon ik dus gewoon vanuit Berlijn doen. En dan kon ik af en toe pauze houden om Popcorn uit te laten of even te aaien.

Zo gezegd, zo gedaan. Popcorn accepteerde mij gelijk als de leider en zo werden we dikke maatjes.

Het grootste deel van de dag slaapt ze of ligt ze te chillen. Met ogen open, want ze moet wel alles in de gaten houden. Zodra er ergens in de buurt iets gebeurt, moet ze erbij zijn. En als het lijkt of iemand in de buurt van onze voordeur komt, staat ze gelijk blaffend en grommend paraat. Deze hond beschermt je wel!

Maar nog even terugkomend op het feit dat ik niet van honden houd. Dat is zeker waar. Maar dit hondje vind ik heel erg leuk, want:

  • Ze is heel klein en lief en zacht:

Popcorn_1

  • Maar ze denkt dat ze heel groot en stoer is en iedereen en alles aankan.
  • Dus ze blaft soms hard tegen honden die drie keer zo groot zijn.
  • Ze houdt ook van gezelschap, dus ze komt graag bij je liggen:

Popcorn_3

  • Soms op het kleinste en meest knusse plekje denkbaar:

Popcorn_4

  • Zit je te werken, dan kijk je hier op uit:

popcorn_5

  • En zit je ‘s avonds een film te kijken, dan komt ze gezellig meekijken:

popcorn_6

  •  Als ze wil spelen (of eten, wat ze sowieso altijd wel wil) komt ze met haar pootje tegen je aan tikken en kijkt je vragend aan.
  • Of ze gaat op haar rug liggen, klaar om op haar buikje geaaid te worden.
  • En als ze je heel lief vindt, gaat ze je handen aflikken (ik heb nog nooit zo vaak op een dag mijn handen gewassen als hier).
  • Toen het heel koud was, deed ik haar een jasje aan toen we naar buiten gingen, en dat zag er niet uit, dus schoot ik tijdens het wandelen continu in de lach (sorry als de andere honden je hierom uitgelachen hebben, Popcorn):

popcorn_7

  • Als je achter haar loopt, zie je die oortjes op en neer flapperen en dat ziet er heel grappig uit.
  • Als je na een paar uur thuiskomt, is ze zo enthousiast dat ze niet weet wat ze moet doen. Ze springt tegen je aan, rent het hele huis door, pakt haar speeltje, springt weer tegen je aan, springt op de bank, rent er weer vanaf, gooit met haar speeltje, springt naar de gang, springt weer tegen je aan, etc. En dat alles zo razendsnel dat je haar onmogelijk bij kan houden of kan aaien. Zo enthousiast begroet worden is toch wel heel bijzonder.

Ondanks dat alles, ben ik ook wel blij dat morgen de baasjes van Popcorn weer thuis komen. Hoe lief ze ook is (zie hierboven), ik ben nog steeds geen hondenmens. Want:

  • Soms doet ze iets waarvan ik niet weet of het normaal is voor een hond en ga ik denken dat er misschien iets aan de hand is, dan maak ik me zorgen en ben ik bang dat ze opeens doodgaat terwijl ik op haar moest passen.
  • En dan zoek ik op internet naar de symptomen, net zoals ik doe als ik zelf ergens pijn heb, en kom ik de gekste hondenproblemen tegen.
  • Maar dan doet ze daarna weer ‘normaal’ en is er blijkbaar toch niks aan de hand (net als bij mijzelf na een tijdje de pijn weer over is en ik dus toch geen enge ziekte blijk te hebben).
  • Soms staat ze met haar pootje tegen me aan te tikken en me heel vragend aan te kijken, maar heb ik geen flauw idee wat ze wil (behalve eten dan).
  • En dan denk ik weer dat er misschien iets aan de hand is. Waarschijnlijk wil ze gewoon aandacht.
  • Als ze je lief vindt, likt ze je handen af, terwijl ze met die snuit net nog aan anderhonds urine heeft gesnuffeld.
  • Soms plast ze over haar eigen pootjes heen en als je daarna op de bank zit, komt ze lekker over je heen lopen met diezelfde pootjes.
  • Je moet een paar keer per dag naar buiten, ook als het regent of sneeuwt of heel koud is.
  • Als ze in de regen gelopen heeft, stinkt ze naar natte hond.

Waarschijnlijk kan ik beide rijtjes nog wel langer maken, maar dit is al aardig wat. Hier nog een kort overzicht van mooie momenten van de afgelopen weken.

En terwijl ik dit typ, ligt ze de hele tijd lekker naast me:

popcorn

Dus ja, ik ben blij als ik thuis weer zonder hond kan leven. Maar ja, ik zal haar toch ook wel een klein beetje missen.

Rosanne bewondert eekhoorns

Ooit in een verleden, toen ik een jaar of zestien was, was ik met mijn ouders, broertjes en een vriendin op vakantie. We waren in Zelhem en zaten in een huisje in het bos. Daar zouden misschien wel eekhoorns zitten, dachten wij. Die vakantie heb ik veel naar de bomen zitten staren, maar een eekhoorn heb ik niet gezien.

Een paar weken geleden was ik op Grasnapolsky, een festival waar ik vorig jaar ook was. Daar verbleef ik weer in een huisje tussen de bomen. Ik zat een beetje naar buiten te kijken en foto’s te maken van het uitzicht. Er kwam een vogel voorbij.

vogel

Ik zei: “Het zou helemaal mooi zijn als hier nu een eekhoorn voorbij kwam.”

En je gelooft het niet, maar daar kwam er gelijk één! Een echte eekhoorn, zo voor mijn neus (ja, met glas tussen ons in, maar toch, heel dichtbij). En later zag ik er nog meer, zelfs een keer drie tegelijk.

Ik was heel blij en kon er uren naar staren. Of er nou goede bandjes kwamen op het festival of niet, mijn weekend was geslaagd, want ik had eekhoorns gezien.

De anderen waren verbaasd over mijn enthousiasme en bestempelden me tot eekhoornfiel.

Weer anderen, waaraan ik dit achteraf vertelde, waren totaal niet onder de indruk. ‘Heb je die beesten nog nooit eerder gezien dan?’ Of: ‘Ik zag dagelijks eekhoorns uit het raam van mijn studentenkamer.’

Maar ik niet. Ik had ze – voor zover ik me kan herinneren – nooit in het wild gezien.

Ik was dus heel blij dat ik na zestien jaar wachten eindelijk eekhoorns in het wild zag. (En ze klommen in de bomen, sprongen zelfs van boom naar boom, knaagden aan een eikeltje, zaten achter elkaar aan en kwamen heel dichtbij. Beter kan gewoon niet!)

Ik werd gelijk een beetje paparazza: klik hier voor een mooi filmpje.

Rosanne yogaat

Het is alweer even 2016 en ook dit jaar zitten de Sleurzusters niet stil. Zo begon ik het jaar met wat rek-en-strekoefeningen: ik ging namelijk naar de yogales!

Misschien heb je het al eens gelezen, maar ik ben niet zo’n enorme sporter. Regelmatig kom ik op een punt waarop ik besluit dat ik mijn abonnement bij de sportschool moet opzeggen, óf nog een laatste poging moet wagen om wekelijks gebruik te maken van dat abonnement. Door omstandigheden (‘geen zin’ is best een omstandigheid, toch?) was ik alweer een tijdje niet geweest en weer op dit punt beland. Ik ging zoals altijd voor de laatste optie en waagde nog een poging.

Ik schreef me in voor een lesje bodyshape om 9.30 en stond lekker vroeg op, zodat mijn ontbijt een beetje verteerd kon worden voor ik daar moest gaan rondhupsen. Maar toen werd ik al gebeld: de les was afgezegd omdat de instructrice ziek was. Tot zover mijn goede poging, had ik kunnen denken.

Maar nee, ik was daadkrachtig en zocht gelijk of er nog een andere les was. Om 10.00 kon ik naar yoga. En dat was ik al heel lang van plan om eens te doen, ook vorig jaar al, dus het was duidelijk: ik ging naar yoga!

Bij de yogales heb ik een aantal dingen geleerd:

  • ik kan niet goed ontspannen (dat wist ik stiekem al, maar hier werd het weer even duidelijk). In verschillende poses moet je een aardige tijd blijven liggen en ook op het eind moet je nog een tijdje rustig blijven liggen en je op je ademhaling concentreren enzo. En dan denk ik de hele tijd: ok, hoelang duurt dit nog? Wat gaan we hierna doen? Lig ik wel goed? Zover voor ontspanning dus. (Wat trouwens niet betekent dat ik altijd actief ben; niets doen kan ik wel heel goed.)
  • ik heb een derde oog. En jij vast ook. Althans, volgens de instructrice. Dat oog zit tussen je wenkbrauwen in en kun je bijvoorbeeld masseren. Je kunt er helaas niets mee zien.
  • er is een heel goede reden waarom veel mensen hun eigen matje meenemen naar de yogales: zweetvoeten. Lekker als je met je hoofd voorover gebogen zit, met je neus net boven de mat, en heel lang zo moet blijven zitten.
  • ik ben niet superstijf. Heel veel oefeningen kon ik gewoon meedoen (we hoefden geen spagaten te doen of op ons hoofd te gaan staan ofzo, dus het viel ook best mee, maar toch).

Verder vond ik het niet zo heel erg leuk, maar ik kan best nog wel eens een andere les proberen. Er zijn miljoenen verschillende soorten yoga en er zijn natuurlijk ook allemaal verschillende soorten mensen die de les geven. Misschien was deze toch iets te zweverig voor mij en ga ik liever naar een les met maar twee ogen.

Week 52: de Sleurzusters blikken terug

Week 52, de laatste week van het jaar. En wat een jaar was dat! De Sleurzusters hebben zich in ieder geval prima vermaakt, jullie ook? Kijk je met ons mee terug?

Wat vond je het allerleukste van dit jaar?

Rome_15Rosanne: Ik ben heel erg blij dat ik eindelijk in Italië ben geweest. Rome is zo’n mooie stad! Ik vond daar alles leuk. Verder vond ik ook onze tocht naar Tiengemeten heel leuk. Omdat dit nogal een spontane actie was en ook omdat het gewoon heel gezellig en avontuurlijk was. Wat ik niet per se heel leuk vond, maar waar ik wel heel trots op ben, is dat ik bloed heb gegeven. De meeste dingen die ik gedaan heb, leken me vooral leuk om te doen, maar dit was de enige actie waar ik tegenop zag. Ik moest echt een drempel over en vond het best wel eng. Uiteindelijk viel het gelukkig heel erg mee, al zal ik het een volgende keer vast wel weer spannend vinden. Ik ben ook blij dat het ons beiden gelukt is om iedere week iets nieuws te doen!

Even inzoomen... JAAA! HET IS 'EM!

Nienke: Oeh, dat is moeilijk kiezen. Er waren veel dingen waar ik zelf enorm van genoten heb, zoals Welcome to the Village (week 29) en mijn vakantie naar Midsomer – waar ik ook Mr. Fox nog tegen het lijf liep – en ook ik vond ons Tiengemetenavontuur erg geslaagd. Te veel om op te noemen eigenlijk. Wat ik ook absoluut hoogtepunten vond, waren de filmmiddag in Tuindorp (waarmee m’n moeder en ik ook de sleur bestreden in het seniorencomplex van mijn oma), het leren bespelen van de basgitaar en tot slot de familiefilm die ik met mijn broer aan het maken ben. Over die laatste vertel ik binnenkort meer. Maar eigenlijk vind ik het állerleukste nog dat ik aan het hele jaar een goed gevoel over heb gehouden. Ik ben het afgelopen jaar veel actiever geweest en heb vooral meer (kwali)tijd doorgebracht met vrienden en familie. Ik kijk er met veel plezier op terug.

Vond je ook dingen níet leuk?

Nienke: Het wekelijks bloggen … of telt dat niet mee? Het bloggen op zich vond ik wel leuk, alleen door de tijdsdruk (want de bedoeling was een blog per week) en de hoeveelheid werk die erin ging zitten, was voor mij na een paar weken de lol er wel zo’n beetje af. Het wekelijks nieuwe dingen doen kostte soms ook wel wat moeite, waardoor er bij mij toch een paar inspiratieloze zondagavondnoodgrepen ingeslopen zijn (zoals zeefdrukken, stoeien met de naaimachine en een bioscoopbezoek), maar die wegen bij lange na niet op tegen de successen hoor!

Rosanne: Ik had van tevoren een lijstje gemaakt met dingen die ik zou willen doen, maar vond het soms toch lastig om iets te bedenken. Ik had niet altijd zin of tijd om iets heel spannends of interessants te gaan doen, dus kwam het soms neer op iets als een film kijken of een bepaald gerecht koken. Maar dat waren wel dingen die ik nog eens wilde doen, dus ze voldeden perfect aan de criteria van een Sleurzusteractie. De enige keer dat het écht heel erg tegenviel, was de lezing bij het Filosofisch Café. Daar ben ik dan ook halverwege weggelopen. En niet te vergeten natuurlijk mijn enkelkneusavontuur. Daar heb ik helaas nog lange tijd van mogen ‘nagenieten’ en zoiets hoop ik nooit meer te gaan doen. Verder heb ik me prima vermaakt met al mijn bezigheden!

En nu?

Rosanne: Het sleurzusterjaar is voorbij, maar dat betekent natuurlijk niet dat ik bij de pakken neer ga zitten. Ik heb besloten om niet meer iedere week iets nieuws te gaan doen, dat kost me iets te veel moeite. Maar er staan nog genoeg to do dingen op mijn lijstje en ik ben wel van plan om daar zoveel mogelijk van te gaan uitvoeren. Daarvan blijf ik jullie op de hoogte houden, want ik vind het leuk om verhaaltjes te schrijven.

Nienke: Zoals Rosanne al zei, hadden we vorig jaar aan het begin van het jaar een lijstje gemaakt met dingen die we wilden of konden gaan doen dat jaar (zie medicijnkastjes) en ook hadden we allebei nog een offline lijstje, maar aan veel van de dingen op deze lijstjes zijn we uiteindelijk niet meer toegekomen. Om deze reden én omdat de Sleurzustersblog voor mij een mooie stok achter de deur was om vaker nieuwe dingen te doen, heb ik besloten om er nog een jaar aan vast te plakken! Ik zal niet overal over bloggen, want zoals ik al zei, viel het wekelijks bloggen me nogal tegen, maar de activiteiten die ik de moeite waard vind zal ik zeker met jullie delen!

Heb je tips voor aspirantsleurzusters?

Rosanne: Stel jezelf een doel. Als je een keer per week te veel vindt, kun je er ook een keer per maand van maken. Of je doet wel een keer per week, maar dan voor een paar maanden achter elkaar. Als je alleen maar denkt, ‘dat ga ik nog wel een keer doen’, gebeurt het meestal niet. En dat is toch jammer? O ja, en het hoeven niet alleen maar extreme dingen te zijn als bungeejumpen of parachutespringen. Kijk naar onze acties, soms zijn ze simpel, maar zorgen ze voor heel veel plezier!

op Tiengemeten

Nienke: Ik sluit me aan bij zuster Rosanne: jezelf een doel stellen helpt. Vooral als je, net als ik, van nature nogal een huismusje bent (en dat wat minder zou willen zijn). Een stok achter de deur kan dan heel fijn zijn. En wat ik in mijn geval ook heel erg fijn vond, was dat ik het samen met een lieve vriendin kon doen. Dat kan ik van harte aanbevelen 🙂 Trouwens, als jullie nog tips hebben, bijvoorbeeld voor ons medicijnkastje, dan horen we dat ook altijd graag hoor!

Wil je nog iets kwijt?

Rosanne: Ja! Ik vind het heel leuk dat we dit jaar een paar gastblogs hebben gehad van anderen. Daarvan mogen er meer komen!

Nienke: Ik wil bij deze graag iedereen die het afgelopen jaar met mij samen de sleur bestreden heeft van harte bedanken! Ik hoop het komende jaar nog veel meer avontuurlijke, bijzondere, muzikale, sportieve, creatieve, liefdadige, stoute, mooie, grootse, gezellige, waanzinnige dingen met jullie samen te mogen doen!

Hebben jullie in week 52 dan ook nog iets gedaan?

Ja natuurlijk, maar dat is nog work in progress (duurde iets langer dan verwacht). Hier alvast een voorproefje, binnenkort meer:

Update 2: Rosanne bezoekt musea

Het begin van mijn museumjaarkaartjaar ging goed: begin mei had ik al zes musea bezocht. Maar daarna zette het verval in. Ik had het druk met andere dingen en dacht er vaak ook niet aan dat ik een museum zou kunnen bezoeken. De rest van het jaar heb ik dat nog maar drie keer gedaan.

Rijksmuseum in Amsterdam

Met Nienke en nog een paar vrienden ging ik half mei naar het Rijksmuseum voor de expositie De Late Rembrandt. Hiervoor waren heel veel late werken van Rembrandt uit verschillende musea en privécollecties verzameld en die kon je dus eenmalig allemaal bij elkaar zien. In Nienkes verslag heb je misschien al gelezen hoe het er daar aan toe ging (vooral veel geschuifel tussen oude mensen). Ondanks de drukte was het een mooie expositie en ik vind het Rijksmuseum sowieso mooi. En het was natuurlijk ook erg gezellig!

Museum IJsselstein in IJsselstein

Toen ik mijn museumjaarkaart kocht, meldde ik me ook gelijk aan voor de digitale nieuwsbrief. Je krijgt dan iedere maand een bericht met tips en extra aanbiedingen voor de komende periode. In een van die berichten las ik over de expositie Iedereen houdt van hout in Museum IJsselstein, ook wel MIJ genoemd. Ik wist überhaupt niet dat er een museum in IJsselstein was, dus daar had ik al iets geleerd. Deze expositie leek me mooi en IJsselstein is vanuit Utrecht makkelijk te bereiken met de tram. Dit werd een mooi uitje voor een woensdag in september. Vera en ik stapten in de tram, raakten de weg een beetje kwijt, verbaasden ons om de schoonheid van het oude centrum van het stadje en bereikten uiteindelijk het museum. Het was een oude basisschool in de stijl van de Amsterdamse School, een mooi gebouw! De speciale actie van de maand was gratis koffie of thee met een bonbon, waar we dankbaar gebruik van maakten. Ook was er een rondleiding bij inbegrepen, waarvoor we de enigen bleken te zijn.

Voor de rondleiding moesten we de deur uit, want er waren drie locaties buiten het museum waar delen van de expositie te zien waren. Eerst liepen we naar een oude kasteeltoren. Van een afstandje zag je hier niets van, totdat achter de hoge bomen een groot hek bleek te staan. Onze gids had een enorme, oude sleutel waarmee ze het hek opende. Daarachter liep een smal paadje naar een hoge, oude kasteeltoren. Met een nog grotere sleutel maakte de gids ook hier de deur open. Leuk, zo’n riddergevoel!

Op de trap naar boven was een kunstwerk van houten planken gemaakt. Aan de voorkant hadden de planken de boombast nog, waardoor het leek of je tussen bomen door liep, aan de achterkant waren ze afgeschaafd, wat weer een heel andere ervaring gaf. Helemaal boven in de toren was een video te zien van een gezin met houten pakken aan.

Daarna gingen we naar De Waag, waar we alleen door een raampje konden kijken, omdat het gebouw niet iedere dag voor het publiek toegankelijk is. Vervolgens liepen we naar het oude stadhuis, waar op de zolder nog verschillende houtkunstwerken te bewonderen waren.

Toen was de rondleiding over en gingen we terug naar het museum zelf, waar ook nog een paar mooie werken te zien waren. We zagen ook een documentaire van een Nederlandse kunstenaar, die zelf een houten auto gebouwd had, die op gestookt hout reed. Hiermee trok hij door Oost-Europa en trok hij veel bekijks. Geweldig!

Tot slot zagen we de standaardexpositie van MIJ, een klein ‘straatje’ door de geschiedenis van IJsselstein. Dat stelde niet zo veel voor, ik denk dat ze het daar vooral van de wisselende exposities moeten hebben. De expositie Iedereen houdt van hout was in ieder geval goed bevallen en ik vind het extra leuk dat ik nu ook heb ontdekt dat IJsselstein mooie plekjes heeft!

Centraal Museum in Utrecht

Vlak voor het einde van het jaar ben ik nog even in het Centraal Museum in Utrecht geweest. Ik liep op zondag door de stad en bedacht me dat ik daar wel eens even kon gaan kijken. Als het niks was, was ik ook zo weer thuis! (En ik moest heel erg nodig naar de wc, dus een plaslocatie kwam erg goed van pas.) Totaal onvoorbereid kwam ik daar dus binnen. Er bleek een expositie te zijn over licht, Lekker Licht. Dat klonk wel leuk, dus na mijn toiletbezoekje ging ik naar de betreffende zalen.

Lekker Licht is een tentoonstelling over de betekenis van licht in ons leven. Er wordt aandacht besteed aan beeldende kunst, modevormgeving, design en muziekvideo’s. Vooral dat laatste verraste mij op een positieve manier; hoe vaak zie je nou in een museum een tv hangen waarop clips van REM, Smashing Pumpkins en Massive Attack worden getoond? Ook leuk waren een paar interactieve onderdelen. Zo kon je met een ‘lichtpen’ op een muur tekenen, waar je tekening kort zichtbaar was. Er was ook een muur waar je als bezoeker een wit reflecterend stickertje op kon plakken. Pas als je een foto met flits maakte, kon je goed zien welke figuren er allemaal al gevormd waren van de stickertjes.

Leuke tentoonstelling, hij is nog te bezoeken t/m 24 januari 2016!

Week 51: Rosanne ziet sterretjes: Episode II

Star Wars, wie kent het niet? Deze films zijn zo doordrongen in de hedendaagse cultuur dat je ze niet niet kunt kennen. (Althans, dat dacht ik. Onlangs sprak ik iemand die er nooit van gehoord had. Dat was wel een ietwat simpele vrouw van boven de vijftig, dus wellicht heeft het met leeftijd te maken, maar ik was verbaasd.)

Ik kende de namen van bijna alle personages, wist wat lightsabers waren en ik wist dat Darth Vader de vader is van Luke Skywalker. Ik had zelfs ooit met de muziekschool de soundtrack van een van de films uitgevoerd. Maar nog nooit had ik iets van de films gezien. Nog geen minuut.

Tijd om daar verandering in te brengen.

Star Wars

Zo makkelijk was dat nog niet. Er zijn al zeven episodes (de laatste is er nog geen twee weken), maar ze zijn niet in de ‘juiste’ volgorde uitgekomen. Tussen 1977 en 1983 kwamen namelijk de eerste films uit, maar die zijn uiteindelijk Episode IV t/m VI genoemd. Tussen 1999 en 2005 kwamen de volgende drie films uit, Episode I t/m III werden genoemd. Dit is de Prequel-trilogie, waarin je ziet wat er vóór de Oorspronkelijke Trilogie gebeurde.

En ja, wat moet je dan, als je nog niets gezien hebt? Volgens sommigen moet je bij Episode I beginnen, omdat je anders allerlei spoilers ziet. Maar oorspronkelijk begon de serie dus bij Episode IV, (en dan V, VI, I, II, III) en de mensen die vanaf het begin keken, hebben ze ook op deze volgorde gezien. Er zijn er ook die vinden dat je ze op de volgende volgorde moet kijken: I, IV, II, V, III, VI. (Met een hele uitleg erbij, maar die gaat me te ver.) En dan zijn er ook nog mensen die vinden dat je een aantal episodes maar het beste kunt overslaan, omdat die veel te slecht zijn.

Ik houd wel van wat oorspronkelijkheid, dus ik begon bij Episode IV: A New Hope. Om de trilogie af te maken, heb ik daarna ook nog Episode V: The Empire Strikes Back en Episode VI: Return of the Jedi gezien.

Star-Wars-Poster

Nu de grote vraag: snap ik what all the fuzz is about?

Nee.

Ik vond het best vermakelijk hoor. Ik wist alleen niet dat het zo kinderfilmachtig was (ik kon nergens vinden dat het ook echt als kinderfilm bedoeld is, maar het zou me niets verbazen). Allemaal gekke beestjes, geen spoortje bloed, ook al gaan er mensen dood of raken ze gewond, en nogal wat meer onlogica. Ik zie niet in waarom zoveel mensen hier zo enorm fan van zijn.

Nu de andere grote vraag: ga ik de overige episodes nog bekijken?

Dat weet ik nog niet.

Volgens sommige mensen kun je best die eerste drie overslaan, omdat ze heel slecht zijn. En het kost ook weer een aantal uren van mijn leven. Maar, wat ik al eerder zei, ik vond het best vermakelijk. Dus wie weet gaat het me ook nog lukken om de rest te bekijken. Maar groot fan zal ik niet worden.

Week 50: Rosanne ziet sterretjes

Al jaren woon ik in Utrecht en al jaren wilde ik eens naar Sonnenborgh, de sterrenwacht in de stad. Nu werd het dus wel eens tijd om dat te gaan doen. De sterrenwacht is dagelijks open als museum, maar alleen op vrijdag- en zaterdagavond zijn er sterrenkijkavonden. Op de website werd aangeraden om van tevoren tickets te kopen, want er kan maar een beperkt aantal mensen naar zo’n kijkavond komen. Dus kocht ik twee kaartjes voor de vrijdagavond; was dat in ieder geval geregeld!

Toen werd het vrijdag. Er valt weinig te zeggen over die bewuste vrijdag, behalve dat het regende. De hele dag. Hard. Regen, regen, regen. Je begrijpt, ik zag die kijkavond al in het water vallen.

Maar gelukkig klaarde de lucht. Tegen de tijd dat we daar moesten zijn, stopte de regen voor het eerst en definitief die dag. Halleluja! Dat obstakel was overwonnen.

De kijkavond begon om 20.00 uur en we waren er keurig op tijd, om 19.50. Maar mijn naam stond niet op de lijst. Niet mijn voornaam, niet mijn achternaam, helemaal niets. Terwijl ik toch écht de tickets had gekocht. Ik had zelfs de bevestiging geprint! Die haalde ik erbij en toen bleek dat ik kaartjes voor de week erna had gekocht, oeps … En natuurlijk was deze avond uitverkocht, dus we konden er eigenlijk niet meer bij. We konden wel even wachten, voor het geval iemand niet zou komen opdagen.

Na een paar spannende minuten was het 20.00 uur. Vier mensen waren er nog niet, dus joepie, wij mochten mee! (Die vier mensen kwamen uiteindelijk allemaal nog te laat opdagen, maar toen waren wij al toegelaten, yes!)

Eerst kregen we een ‘college’ in een klein zaaltje met oude schoolbanken. De rondleidster vertelde ons hoe sterren ontstaan en doodgaan en hoe ons sterrenstelsel in elkaar zit. Onze zon zal uiteindelijk uit elkaar barsten, waardoor leven hier op aarde niet meer mogelijk is. Maar wees niet bang, dat duurt nog ongeveer 5,5 miljard jaar, dus daar zullen wij geen last van hebben.

Ik snapte wat ze vertelde wel redelijk, maar ik kan het niet reproduceren. Het is allemaal zo vaag en onwerkelijk, als je je bedenkt hoe groot het heelal is en hoeveel sterrenstelsels er zijn en hoe klein wij eigenlijk zijn in dat geheel … En dat je eigenlijk terugkijkt in de tijd als je een ster ziet. Dat is allemaal iets te veelomvattend voor mijn kleine hoofdje.

Daarna gingen we doen waar we voor kwamen: sterren kijken! Sonnenborgh is in 1853 gebouwd en er staan vijf grote telescopen op de hemel gericht. Je kunt er de maan, de planeten, de sterren of de zon mee bekijken. De oudste kijker is meer dan 150 jaar oud, de nieuwste maar een paar jaar. Wij gingen naar de Galakijker, die er sinds 2002 staat. Het dak ging gedeeltelijk open en draaide zelfs, om de opening in de door jouw gewenste richting te zetten. Gaaf!

img_1083sonnenborgh3_22

De Galakijker, afbeelding van duic.nl

Onze rondleidster zag de Plejaden, een sterrenhoop die blijkbaar heel interessant was, en richtte de lens daarop. We mochten om de beurt kijken. Ik stond zo’n beetje achteraan en werd dus wel heel nieuwsgierig hoe het eruit zou zien. Met het blote oog kon ik ook wel wat van die sterren zien, maar hoe zou het door die kijker zijn?

Dat bleek wel een klein beetje tegen te vallen, vond ik. Je moest je ten eerste in een gekke bocht wringen om erdoor te kunnen kijken, omdat de kijker erg omhoog gericht was en je daardoor bijna op de grond moest liggen om door de kijker te kunnen kijken. Dan moet je ook nog eens je oog precies op de juiste plek voor de kijker houden, want anders zie je alleen maar een zwart vlak. En toen vond ik het ook nog eens niet zo scherp als ik had verwacht. Maar goed, je zag de sterren natuurlijk wel vele malen dichterbij dan met het blote oog. Wat vast ook heel erg interessant is als je iets van die sterrenhoop af weet en ze dus eindelijk goed kunt bekijken (een aantal mensen daar was ook heel deskundig en enthousiast). Ach ja, toch leuk om gezien te hebben.

1024px-pleiades_large

Plejaden, afbeelding van Wikipedia (zo goed zag ik ze dus niet)

Daarna zouden we officieel het museum in het gebouw bekijken, maar onze rondleidster was zo enthousiast dat het eindelijk mooi en helder weer was, dat ze ons naar het dak leidde om vandaar de sterrenhemel te gaan bekijken. En dat was leuk! Ik weet totaal niets van sterren en sterrenbeelden. De Grote Beer ken ik – het steelpannetje – maar daar blijft het bij. Hier op het dak wees de rondleidster de Poolster en allerlei sterrenbeelden aan. Ze vertelde over de herkomst van de namen, hoe verschillend je de sterrenhemel ziet als je in een ander deel van de wereld staat, over hoe sommige posities in de loop der tijd veranderen en weet ik veel wat nog meer.

Ze was zo enthousiast dat ze nog uren kon doorgaan. Wat ik heel erg leuk vond en ik heb er veel van geleerd, maar op een gegeven moment was het genoeg. Het was koud! En sowieso tijd om te gaan, want 21.30 uur zou het afgelopen zijn. Gelukkig had zij dat na een tijdje ook in de gaten en gingen we even na 21.30 weer van het dak af.

Ik ben blij dat we nog mee mochten met mijn verkeerd gekochte kaartjes en ik vond het een heel leuke en interessante avond. Ik denk dat het eigenlijk ook heel leuk is om door die sterrenkijker te kijken als je iets meer tijd hebt. Nu waren we met zoveel mensen, dat je niet echt uitgebreid kon gaan kijken (en de positie was dus ook niet erg prettig). De rondleiders zijn trouwens allemaal vrijwilligers, maar dat valt aan hun kennis niet af te leiden. En misschien zijn ze juist daarom wel allemaal zo enthousiast.

Het museum wil ik nog wel eens gaan bekijken en er is ook een zonnekijker waar je op gezette tijden doorheen kan kijken. Wie weet ga ik daar ook nog wel een keer voor. En misschien ga ik zelfs nog wel wat meer uitzoeken over die sterrenbeelden, want het is best leuk om ze te herkennen en aan te kunnen wijzen!

Week 49: Rosanne doet burgerlijk

Burgerlijk, wat is dat nou eigenlijk?

Volgens van Dale: eenvoudig als een burger; (ook minachtend) kleingeestig, bekrompen.

Volgens Prisma: stijf, bekrompen, niet vlot of modern: het huis was heel ~ ingericht | heel ~ gingen we elk jaar met vakantie naar de Veluwe.

Volgens ene L op Lindanieuws.nl: ‘Ik haat burgerlijkheid, ik haat rijtjeshuizen, ik haat buurtjes waar papjes en mamsjes allemaal buiten zitten waar vervolgens hun kindertjes hele dagen lopen te gillen en te schreeuwen. Ik haat gezinnen, ik haat elke dag eten om 17 uur. Kortom voor mij geen burgerlijkheid, ik blijf vrijgezel, zonder kinderen, en heb geen woon of vaste verblijfplaats.’

En postinggirl zegt op Fok.nl: ‘Een weekje Center Parcs met het hele (jonge) gezin, met de vouwwagen, komt in ieder geval dicht in de buurt. Al kan het juist ook heel gezellig zijn.’

Je ziet, ik heb het uitgebreid onderzocht en de meningen lopen uiteen.

Mijn definitie van burgerlijkheid komt wel in de buurt van de aspecten die L op Lindanieuws noemt, maar dan met wat minder haat erin verwerkt. Laat anderen vooral gelukkig worden van die dingen die veel mensen fijn vinden! Nog dichterbij komt de definitie van postinggirl op Fok.nl; een weekje Center Parcs.

En laat ik dat nou afgelopen weekend gedaan hebben! In plaats van Center Parcs was het Landal GreenParks en in plaats van het hele (jonge) gezin was het het hele (jonge) gezin plus Rosanne – ik kon immers niet voor dit weekend snel voor mijn eigen hele (jonge) gezin zorgen – maar verder komt het aardig in de buurt.

Texel

Samen met Simone en Joris en hun dochtertje Fenna van nog geen twee ging ik een weekendje naar Landal GreenParks de Sluftervallei op Texel.

We gingen ernaartoe in een burgerlijke stationwagen.

We aten heel burgerlijk om 18.00 uur (niet eens om 17.00 en ook niet iedere dag, maar toch).

We gingen heel burgerlijk zwemmen in het zwemparadijs op het bungalowpark.

We gingen heel burgerlijk kaasfonduen.

We zetten heel burgerlijk onze schoen.

We vierden heel burgerlijk pakjesavond.

Op zondag gingen we zelfs heel burgerlijk naar het restaurant op het huisjespark alwaar we van het burgerlijke buffet aten.

We keken heel burgerlijk naar het achtuurjournaal.

‘s Avonds rummikupten we heel burgerlijk.

We gingen heel burgerlijk uitwaaien op het strand.

We namen heel burgerlijk onze lunch mee voor onderweg in de auto.

We gingen heel burgerlijk naar de zeehonden in Ecomare.

Was dat nou echt allemaal zo burgerlijk? Tsja, wie zal het zeggen, daar zijn de meningen over verdeeld. Ik heb het in ieder geval erg naar mijn zin gehad. En nu ik weer thuis ben, ga ik weer lekker verder met niet-burgerlijk doen, zoals iedere dag om een andere tijd eten en daarna Netflix kijken. Spannend hè!

Week 48: Rosanne bekijkt de wereld door een Oculus Rift

Ieder jaar vindt het IDFA plaats in Amsterdam, een documentairefestival. Naast films zijn er ook verschillende side events, waaronder dit jaar DocLab Expo: Seamless Reality. In deze expositie waren meer dan 25 installaties te zien/beleven die de grenzen verkennen tussen de fysieke en de digitale wereld. En daar ging ik naartoe.

Er stonden computers waarop webdocumentaires te bekijken waren, er waren interactieve installaties (waarvan eentje inhield dat je in een soort van koelcel van een lijkenhuis moest liggen en daar zou ervaren wat overleden beroemdheden in hun laatste momenten geroken hadden, maar daar heb ik me niet aan gewaagd) en verschillende virtual realitywerken.

Wat ik gezien/gedaan heb:

  • Bistro in Vitro – een (nog) niet bestaand restaurant waar je kweekvlees kunt eten. Hier heb ik een menu samengesteld (waaruit bleek dat ik een Green Gandhi ben: “U bent zich er van bewust dat de toenemende vleesconsumptie en de intensivering van de veeteelt zowel mens, dier als natuur kan schaden. En dat heeft u liever niet. U kunt na dit diner echter rustig slapen: alle gekozen gerechten zijn duurzaam en  diervriendelijk gekweekt en bereid. Zelfs Mahatma Gandhi zou ze kunnen eten.”) en een tafeltje gereserveerd voor 26 juli 2028. Ik hoop dat ik nog kan annuleren, want ik heb eerlijk gezegd niet heel veel trek in het menu:

kweekvleesmenu

  • Rebuild Fukushima – een project waarbij heel Fukushima heropgebouwd wordt; maar dan wel in miniatuur. Er lagen bouwplaten van karton om verwoeste gebouwen weer terug te laten komen. Ondertussen kon je luisteren naar indrukwekkende verhalen van bewoners.
  • RecoVR: Mosul, a Collective Reconstruction – het museum in Mosul (Irak) dat vorig jaar door IS is vernietigd, is hier virtueel nagebouwd. Aan de hand van foto’s zijn monumenten en kunstvoorwerpen nagemaakt. Je kunt er doorheen ‘lopen’ en er wordt verteld wat er gebeurd is en hoe het project verder gemaakt zal worden.
  • Lahore Landing – een interactieve webdocumentaire over burgeractivisten die laten zien dat hun land (Pakistan) niet alleen door terroristen en extremisten wordt bewoond. Zij zetten zich in voor een betere en veiligere toekomst voor hun land. Deze kun je zelf ook online bekijken. Interessant hoor, en mooi gemaakt.
  • The Deeper They Bury Me – over Herman Wallace, die sinds 1972 in eenzame opsluiting leeft in de staatsgevangenis van Louisiana, na een aanvechtbare veroordeling voor de moord op een cipier. Je neemt een digitaal kijkje in zijn cel en je kunt zelf op voorwerpen klikken en bepalen of je hier meer over wilt horen. Je hoort de gevangene zelf en mensen die bij zijn verhaal betrokken zijn. Maar wel allemaal binnen twintig minuten, de tijd die een gevangene per dag mag bellen. Ook deze ‘documentaire’ kun je zelf online bekijken/meemaken. Ik vond hem heel indrukwekkend.
  • Drawing Room – een tekening van Jan Rothuizen, die een tijdje in het torenkamertje op het dak van de Bijenkorf in Amsterdam verbleef. Door een Oculus Rift (een virtual realitybril) bekijk je zijn tekening, waar je midden in zit. Op onderstaande video kun je het een klein beetje meemaken (je kunt in het scherm klikken en bepalen welke kant je op kijkt). Maar als je zo’n bril op hebt, is dit het enige wat je ziet en zit je er echt middenin. Je beweegt dan door de ruimte door je hoofd te bewegen. Heel mooi gemaakt en een bijzondere ervaring.
  • Life On Hold – een webdocumentaire van Al Jazeera over Syrische vluchtelingen in Libanon. Je volgt het verhaal van verschillende vluchtelingen en ook hier kun je zelf kiezen waar je naar kijkt. Als je op de foto van een persoon klikt, kom je op zijn of haar verhaal. Daar kun je weer kiezen of je een video bekijkt waarin hij zijn verhaal vertelt, of dat je bekijkt welke reis hij afgelegd heeft. Ik heb hier twee verhalen van bekeken, maar er staan er een stuk of tien op. Ik vond het heel indrukwekkend en raad dan ook zeker aan om deze te bekijken. Gelukkig kan dat ook in dit geval weer online.

Hoe ziet dat er dan allemaal uit? vraag je je misschien af. Nou, zo ongeveer:

En hier zie je mij met de bril op. Ik houd hem de hele tijd vast, omdat het me niet lukte om op tijd de hoofdband te verstellen (hij startte automatisch). Normaal gesproken zou dit niet nodig hoeven te zijn, maar anders zou hij van mijn hoofd af vallen, ook niet handig.

Ik vind het indrukwekkend om te zien wat mensen allemaal kunnen maken. En zo’n bril is heel gek; je ziet namelijk helemaal niks van wat er om je heen gebeurt, maar je verdwijnt echt in die virtuele wereld. En het ziet er ook heel grappig uit om anderen daarmee te zien 🙂

Week 47: Rosanne houdt van Rome

Ciao bella!

Het eerste dat ik zag vanuit de trein van het vliegveld naar de stad, waren de mooie bomen – pijnbomen, zo leerde ik later – en de mooie gelige kleur die het zonlicht gaf. Ik was gelijk verliefd. Van alles wat ik de komende vijf dagen in Rome zou meemaken, werd ik blij.

Behalve dan de spreeuwen.

Toen we rond vijf uur ‘s middags uit de tram stapten bij het hotel, zag ik ze gelijk. En ik dacht nog: wat mooi! Zwermen spreeuwen in de roze-blauwe lucht. In grote groepen vlogen ze van elkaar af en naar elkaar toe. Een prachtig gezicht.

Maar al dezelfde avond merkten we ook de nadelen van deze bijzondere dieren. Het voetpad langs de rivier, onder de overhangende bomen, leek tot romantische avondwandelingen uit te nodigen, maar er liep niemand. Want de vogels zaten met zijn allen in deze bomen. Ze maakten veel herrie en nog erger: ze leegden daar met zijn allen hun darmen.

Auto’s waren bedekt met poep. Vera kreeg een druppel op haar schouder (en ik later in de week een op mijn vinger, getsie). En bij nadere beschouwing bleek de stoep van zichzelf helemaal niet zo zwart te zijn; dit was een dikke laag spreeuwenstront! Om nog maar niet te spreken over de geur die dit verspreidde. De rest van de week konden we ruiken of we al dicht bij de rivier waren en dus de goede kant op liepen.

Tot zover de negatieve verhalen over Rome. Buiten de vogels om werd ik gelukkig van ALLES.

Ons hotel met de aardige eigenaar die tips gaf voor de beste pizza’s, pasta’s en broodjes. De buurt van ons hotel met de idyllische (en wellicht wat cliché) pleintjes met begroeiing, waslijnen en terrasjes met rood-wit geblokte tafelkleedjes. De gebouwen van soms meer dan tweeduizend jaar oud. De fonteinen die vanuit symbolische beelden water spuwen in marmeren bassins. Iedere hoek waar een mooi gebouw of gezellige straat achter schuilgaat. De complimenteuze obers. De zon. Ik kon mijn geluk niet op.